Art. 8 Verordening (EU) nr. 165/2014, Registratie van de positie van het voertuig op bepaalde momenten tijdens de dagelijkse werktijd
1. Ten behoeve van de controle op de naleving van de wetgeving in kwestie wordt de positie van het voertuig automatisch geregistreerd op onderstaande plaatsen of op de dichtstbijzijnde plaats waar er een satellietsignaal is:
— de plaats van het begin van de dagelijkse werktijd;
— iedere drie uur van de bij elkaar opgetelde rijtijd;
— de plaats van het einde van de dagelijkse werktijd.
Daartoe worden voertuigen die voor het eerst worden geregistreerd 36 maanden na de inwerkingtreding van de gedetailleerde bepalingen als bedoeld in artikel 11, uitgerust met een tachograaf die verbonden is met een positioneringsysteem op basis van satellietnavigatie.
2. De aansluiting van de tachograaf op een positioneringssysteem op basis van satellietnavigatie als bedoeld in lid 1, geschiedt alleen op systemen die kosteloos positionering aanbieden. In de tachograaf worden geen andere positiegegevens permanent opgeslagen dan die, voor zover mogelijk, zijn uitgedrukt in de geografische coördinaten van de plaatsen zoals bedoeld in lid 1. Positiegegevens die tijdelijk moeten worden opgeslagen ten behoeve van de automatische registratie van de punten, bedoeld in lid 1, of die de informatie van de bewegingssensor moeten bevestigen, zijn voor geen enkele gebruiker toegankelijk en worden automatisch gewist zodra zijn niet meer voor die doelen nodig zijn.