Art. 96 Verordening (EU) nr. 1306/2013, Controles op de naleving van de randvoorwaarden
Verordening (EU) nr. 1306/2013
1. De lidstaten maken, waar zulks dienstig is, gebruik van het geïntegreerd systeem dat is vastgesteld bij titel V, hoofdstuk II, en met name in artikel 68, lid 1, onder a), b), d), e) en f).
De lidstaten kunnen gebruikmaken van hun bestaande administratie- en controlesystemen om ervoor te zorgen dat de voorschriften betreffende de randvoorwaarden worden nageleefd.
Die systemen, en met name het systeem voor de identificatie en de registratie van dieren dat is opgezet overeenkomstig Richtlijn 2008/71/EG van de Raad (40), en overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1760/2000 en Verordening (EG) nr. 21/2004, zijn compatibel met het in titel V, hoofdstuk II, van de onderhavige verordening bedoelde geïntegreerd systeem.
2. Afhankelijk van de betrokken eisen, normen, besluiten of gebieden van de randvoorwaarden, kunnen de lidstaten besluiten administratieve controles te verrichten, met name die waarin reeds is voorzien in het kader van de controlesystemen die voor de eis, de norm, het besluit of het gebied van de randvoorwaarden in kwestie gelden.
3. De lidstaten verrichten controles ter plaatse om na te gaan of een begunstigde de verplichtingen van deze titel nakomt.
4. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast, waarin de regels worden vastgelegd voor de uitvoering van controles op de naleving van de verplichtingen uit hoofde van deze titel, waaronder voorschriften die het mogelijk maken dat in risicoanalyses rekening wordt gehouden met de volgende factoren:
a) de deelname van landbouwers aan het bedrijfsadviseringssysteem als bedoeld in titel III van deze verordening;
b) de deelname van landbouwers aan een certificeringssysteem voor zover dit systeem betrekking heeft op de betrokken eisen en normen.
Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 116, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure.