Art. 21, Algemeen beginsel
De lidstaten houden in hun nationale recht tot uitvoering van deze richtlijn rekening met de specifieke situatie van kwetsbare personen zoals minderjarigen, niet-begeleide minderjarigen, personen met een handicap, ouderen, zwangere vrouwen, alleenstaande ouders met minderjarige kinderen, slachtoffers van mensenhandel, personen met ernstige ziekten, personen met mentale stoornissen en personen die folteringen hebben ondergaan, zijn verkracht of aan andere ernstige vormen van psychologisch, fysiek of seksueel geweld zijn blootgesteld, zoals slachtoffers van vrouwelijke genitale verminking.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Den Haag 29 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:3880
- Rb. Den Haag 8 juli 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:10617
- Rb. Den Haag 16 maart 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:2555
- Rb. Den Haag 11 april 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:4033
- Hof Den Haag 20 juni 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1664
- Rb. Den Haag 20 mei 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:10341
- Rb. Den Haag 23 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:4831
- Rb. Den Haag 12 januari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:328
- Rb. Den Haag 7 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4088