Art. 84 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012, Opstelling van de invorderingsopdracht

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012

1. De invorderingsopdracht vermeldt:

a) het begrotingsjaar;

b) het besluit of de juridische verbintenis waaruit de schuldvordering voortvloeit en die recht geeft op de invordering;

c) het begrotingsartikel en eventueel elke andere nodige onderverdeling, waaronder begrepen, in voorkomend geval, de bijbehorende vastlegging;

d) het te innen bedrag in euro;

e) de naam en het adres van de debiteur;

f) de in artikel 80, lid 3, onder b), bedoelde termijn;

g) de mogelijke invorderingswijze, waaronder met name begrepen de invordering door verrekening of door het doen van een beroep op van tevoren verstrekte garanties.

2. De invorderingsopdracht wordt door de bevoegde ordonnateur gedagtekend en ondertekend en vervolgens aan de rekenplichtige toegezonden.

3. De rekenplichtige van elke instelling houdt een lijst van te innen bedragen bij, waarop de vorderingen van de Unie zijn samengebracht overeenkomstig de datum van uitgifte van de invorderingsopdracht. Hij geeft deze lijst aan de rekenplichtige van de Commissie door.

De rekenplichtige van de Commissie stelt een geconsolideerde lijst op van de verschuldigde bedragen, ingedeeld naar instelling en naar datum van uitgifte van de invorderingsopdracht. De lijst wordt toegevoegd aan het verslag van de Commissie over het begrotings- en financiële beheer.

4. Om de bescherming van de financiële belangen van de Unie kracht bij te zetten, stelt de Commissie een lijst op van de vorderingen van de Unie, met vermelding van de namen van de debiteuren en het bedrag van de schuld, voor de gevallen waarin de debiteur op grond van een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing tot vereffening verplicht is en waarin één jaar na de uitspraak nog geen of geen significante vereffening heeft plaatsgevonden. Deze lijst wordt openbaar gemaakt, met inachtneming van de bescherming van persoonsgegevens overeenkomstig Verordening (EG) nr. 45/2001.

Waar persoonsgegevens betrekking hebben op natuurlijke personen, zal de bekendgemaakte informatie worden verwijderd zodra de schuld volledig is vereffend. Hetzelfde geldt voor persoonsgegevens betreffende rechtspersonen waarvan de officiële benaming naar één of meer natuurlijke personen verwijst.

Het besluit om de naam van debiteuren te vermelden in de lijst van vorderingen van de Unie wordt genomen met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel, waarbij in het bijzonder rekening wordt gehouden met de omvang van het bedrag.

Vorige artikelen

Volgende artikelen