Art. 81 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012, Vaststelling van schuldvorderingen
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012
Om een schuldvordering vast te stellen, vergewist de bevoegde ordonnateur zich van:
a) het zekere karakter van de schuldvordering, waaraan geen voorwaarden verbonden mogen zijn;
b) het vaststaande karakter van de schuldvordering, waarvan het bedrag nauwkeurig in geld moet worden uitgedrukt;
c) het invorderbare karakter van de schuldvordering, waaraan geen termijn verbonden mag zijn;
d) de juiste aanduiding van de debiteur;
e) de juistheid van de aanwijzing van de te innen bedragen op de begroting;
f) de regelmatigheid van de bewijsstukken, en
g) de overeenstemming met het beginsel van goed financieel beheer, met name volgens de in artikel 91, lid 1, onder a), bedoelde criteria.