Art. 25 Verordening (EU) nr. 65/2011, Controles ter plaatse

Verordening (EU) nr. 65/2011

1. De lidstaten organiseren controles ter plaatse van goedgekeurde concrete acties op basis van een passende steekproeftrekking. Deze controles worden zoveel mogelijk uitgevoerd vóór de eindbetaling voor een concrete actie.

2. De uitgaven waarop de controles ter plaatse betrekking hebben, bedragen ten minste 4 % van de in artikel 23 bedoelde uitgaven die uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) worden gefinancierd en die het betaalorgaan elk kalenderjaar moet betalen. Alleen de controles die tot het eind van het jaar in kwestie zijn verricht, tellen mee.

Over de gehele programmeringsperiode hebben de controles betrekking op ten minste 5 % van de uit het ELFPO gefinancierde uitgaven.

3. Bij de trekking van de in het kader van lid 1 te controleren steekproef van goedgekeurde concrete acties wordt met name rekening gehouden met:

a) de noodzaak een passende variatie naar aard en omvang van de concrete acties te controleren;

b) de eventueel bij nationale of EU-controles geconstateerde risicofactoren;

c) de noodzaak van een evenwichtige spreiding over de assen en maatregelen;

d) de noodzaak om tussen 20 % en 25 % van de uitgaven op aselecte wijze te kiezen.

4. De controleurs die de controle ter plaatse verrichten, zijn niet betrokken bij administratieve controles van dezelfde concrete actie.