Art. 38 Verordening (EU) nr. 1031/2010, Verbod op handel met voorwetenschap
Verordening (EU) nr. 1031/2010
1. Het is de in de tweede alinea bedoelde personen die over voorwetenschap beschikken verboden van die voorwetenschap gebruik te maken door direct of indirect, voor eigen rekening of voor derden, biedingen uit te brengen, te wijzigen of in te trekken voor een veilingproduct waarop deze voorwetenschap betrekking heeft.
De eerste alinea is van toepassing op iedere persoon die over die voorwetenschap beschikt:
a) vanwege zijn hoedanigheid als lid van de administratieve, leidinggevende of toezichthoudende organen van het veilingplatform, de veiler of de veilingtoezichthouder, of
b) vanwege zijn deelneming in het kapitaal van het veilingplatform, de veiler of de veilingtoezichthouder, of
c) vanwege het feit dat hij toegang heeft tot de informatie door de uitoefening van zijn werk, beroep of functie, of
d) vanwege criminele activiteiten.
2. Indien de in lid 1 bedoelde persoon een rechtspersoon is, is het in dat lid vervatte verbod tevens van toepassing op de natuurlijke personen die deelnemen aan de beslissing om een bieding voor rekening van de betrokken rechtspersoon uit te brengen, te wijzigen of in te trekken.
3. Dit artikel is niet van toepassing op de indiening, wijziging of intrekking van een bieding voor een veilingproduct welke plaatsvindt ter nakoming van een opeisbaar geworden verplichting, als deze verplichting voortvloeit uit een overeenkomst die werd gesloten voordat de betrokken persoon de voorwetenschap had verkregen.