Art. 65 Verordening (EG) nr. 73/2009, Integratie van gekoppelde steun die gedeeltelijk is uitgesloten van de bedrijfstoeslagregeling
De bedragen die beschikbaar waren voor gekoppelde steun in het kader van de in bijlage XI, punt 3, vermelde steunregelingen, worden door de lidstaten over de landbouwers in de betrokken sectoren verdeeld naar evenredigheid van de steun die deze landbouwers in het kader van de betrokken steunregelingen hebben ontvangen gedurende de toepasselijke in Verordening (EG) nr. 1782/2003 bedoelde referentieperioden.
De lidstaten kunnen evenwel een meer recente representatieve periode kiezen op basis van objectieve en niet-discriminerende criteria en, indien een lidstaat de bedrijfstoeslagregeling overeenkomstig titel III, hoofdstuk 5, afdeling 1, of hoofdstuk 6 van Verordening (EG) nr. 1782/2003 heeft ingevoerd of gebruik maakt van de in artikel 47 van de onderhavige verordening geboden mogelijkheid, op basis van artikel 63, lid 2, onder b).
De lidstaten verhogen het bedrag van de toeslagrechten van de betrokken landbouwers of wijzen toeslagrechten toe overeenkomstig artikel 64, lid 2.
Indien een landbouwer die krachtens de artikelen 67 en 68 van Verordening (EG) nr. 1782/2003 rechtstreekse betalingen ontving, het recht zou hebben overeenkomstig dit artikel toeslagrechten te ontvangen waarvoor hij in het jaar van de integratie van de regeling voor gekoppelde steun in de bedrijfstoeslagregeling geen subsidiabele hectaren heeft, of indien zijn toeslagrecht per hectare uitkomt op een bedrag dat hoger is dan 5 000 EUR, krijgt hij, tot een maximum van 5 000 EUR per toeslagrecht, bijzondere toeslagrechten als bedoeld in artikel 44 toegewezen.