Art. 31, Overmacht en uitzonderlijke omstandigheden
Voor de toepassing van de onderhavige verordening worden overmacht en uitzonderlijke omstandigheden door de bevoegde autoriteit erkend in gevallen als:
a) het overlijden van de landbouwer;
b) langdurige arbeidsongeschiktheid van de landbouwer;
c) een ernstige natuurramp die het landbouwareaal van het bedrijf in ernstige mate heeft aangetast;
d) het door een ongeluk tenietgaan van veehouderijgebouwen van het bedrijf;
e) een epizoötie die de gehele veestapel van de landbouwer of een deel ervan heeft getroffen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 20 april 2016, ECLI:NL:CBB:2016:108
- CBb 5 december 2014, ECLI:NL:CBB:2014:466
- ABRvS 7 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3271
- ABRvS 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7620
- CBb 20 maart 2014, ECLI:NL:CBB:2014:210
- CBb 15 februari 2013, ECLI:NL:CBB:2013:CA1471
- CBb 15 februari 2013, ECLI:NL:CBB:2013:CA1468
- CBb 24 juli 2013, ECLI:NL:CBB:2013:87
- CBb 18 juli 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BX5079
- CBb 22 mei 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BW7482
- CBb 9 maart 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BV9882
- CBb 5 november 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BO4114