Art. 29, Betaling
1. Tenzij in de onderhavige verordening anders is bepaald, worden de betalingen op grond van de in bijlage I genoemde steunregelingen volledig aan de begunstigden uitgekeerd.
2. De betalingen worden in maximaal twee tranches per jaar uitgekeerd binnen de periode van 1 december tot en met 30 juni van het volgende kalenderjaar.
3. Betalingen op grond van de in bijlage I vermelde steunregelingen worden pas verricht nadat de lidstaat op grond van artikel 20 de subsidiabiliteitsvoorwaarden heeft getoetst.
4. In afwijking van lid 2 en volgens de in artikel 141, lid 2, bedoelde procedure kan de Commissie
a) voorzien in voorschotten;
b) de lidstaten machtigen om, onder voorbehoud van de begrotingssituatie, vóór 1 december in regio's waar de landbouwers zich als gevolg van uitzonderlijke omstandigheden voor ernstige financiële moeilijkheden geplaatst zien, voorschotten uit te betalen:
i) tot 50 % van de betalingen
of
ii) tot 80 % van de betalingen indien er reeds is voorzien in voorschotten.