Art. 227 Richtlijn 2009/138/EG, Verbonden verzekerings- en herverzekeringsondernemingen van derde landen
1. Bij de berekening overeenkomstig artikel 233 van de groepssolvabiliteit van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming die een in een verzekerings- of herverzekeringsonderneming van een derde land deelnemende onderneming is, wordt louter voor deze berekening de onderneming van het derde land op dezelfde wijze behandeld als een verbonden verzekerings- of herverzekeringsonderneming.
Wanneer het derde land waar deze onderneming haar hoofdkantoor heeft, de betrokken onderneming onderwerpt aan een vergunning en haar een solvabiliteitsregeling oplegt die ten minste gelijkwaardig is aan die van titel I, hoofdstuk VI, kunnen de lidstaten evenwel voorschrijven dat bij de berekening met betrekking tot deze onderneming rekening wordt gehouden met het solvabiliteitskapitaalvereiste en met het voor het voldoen aan dat vereiste in aanmerking komend eigen vermogen als voorgeschreven door het betrokken derde land.
2. De verificatie of de regeling van het derde land ten minste gelijkwaardig is, wordt uitgevoerd door de groepstoezichthouder op verzoek van de deelnemende onderneming of op eigen initiatief.
Hierbij raadpleegt de groepstoezichthouder de andere betrokken toezichthoudende autoriteiten en het Comité van Europese toezichthouders op verzekeringen en bedrijfspensioenen alvorens een besluit over de gelijkwaardigheid te nemen.
3. De Commissie kan uitvoeringsmaatregelen vaststellen die criteria bevatten om te bepalen of de solvabiliteitsregeling van een derde land gelijkwaardig is aan die van titel I, hoofdstuk VI.
Deze maatregelen die beogen niet-essentiële onderdelen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 301, lid 3.
4. Na raadpleging van het Europees Comité voor verzekeringen en bedrijfspensioenen kan de Commissie volgens de regelgevingsprocedure van artikel 301, lid 2, en rekening houdend met de overeenkomstig lid 3 van dit artikel vastgestelde criteria besluiten of de solvabiliteitsregeling van een derde land gelijkwaardig is aan die van titel I, hoofdstuk VI.
Deze besluiten worden regelmatig aan een nieuw onderzoek onderworpen om rekening te houden met eventuele wijzigingen in de solvabiliteitsregeling van titel I, hoofdstuk VI, en in de solvabiliteitsregeling van het derde land.
5. Wanneer de Commissie overeenkomstig lid 4 een besluit neemt over de gelijkwaardigheid van de solvabiliteitsregeling van een derde land, is lid 2 niet van toepassing.
Wanneer in een overeenkomstig lid 4 door de Commissie aangenomen besluit wordt geconcludeerd dat de solvabiliteitsregeling van een derde land niet gelijkwaardig is, is de in lid 1, tweede alinea, bedoelde optie om rekening te houden met het solvabiliteitskapitaalvereiste en met het in aanmerking komend eigen vermogen als voorgeschreven door het betrokken derde land, niet van toepassing en wordt de verzekerings- of herverzekeringsonderneming van het derde land uitsluitend in overeenstemming met lid 1, eerste alinea, behandeld.