Art. 35 Verordening (EG) nr. 889/2008, Opslag van producten
1. De ruimten voor de opslag van de producten moeten zo worden beheerd dat identificatie van de partijen wordt gegarandeerd en dat vermenging met of verontreiniging door producten en/of stoffen die niet aan de voorschriften voor de biologische productie voldoen, wordt voorkomen. Biologische producten moeten te allen tijde identificeerbaar zijn.
2. In eenheden voor biologische plantaardige of dierlijke productie mogen geen andere dan de in het kader van deze verordening toegestane productiemiddelen worden opgeslagen.
3. De opslag van allopathische geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik en antibiotica op het bedrijf is toegestaan wanneer deze middelen door een dierenarts zijn voorgeschreven in het kader van een in artikel 14, lid 1, onder e) ii), van Verordening (EG) nr. 834/2007 bedoelde behandeling, zijn opgeslagen op een plaats die onder toezicht staat en zijn vermeld in het in artikel 76 van de onderhavige verordening bedoelde veeboek.
4. Wanneer marktdeelnemers in zowel niet-biologische als biologische producten handelen, en de laatstbedoelde producten samen met andere landbouwproducten of levensmiddelen worden opgeslagen:
a) moeten de biologische producten gescheiden blijven van de andere landbouwproducten en/of levensmiddelen;
b) moeten alle nodige maatregelen worden genomen om de identificatie van de zendingen te garanderen en om vermenging of verwisseling met niet-biologische producten te voorkomen;
c) moeten, voordat de biologische producten worden opgeslagen, adequate reinigingsmaatregelen worden toegepast waarvan de efficiëntie wordt gecontroleerd; de marktdeelnemers moeten deze handelingen registreren.