Art. 8 VIS-verordening, Procedures voor het invoeren van gegevens bij de aanvraag

Verordening (EG) nr. 767/2008 (VIS-verordening)

1. Bij ontvangst van een aanvraag stelt de visumautoriteit onverwijld het aanvraagdossier op door de in artikel 9 genoemde gegevens in het VIS in te voeren, voor zover deze gegevens door de aanvrager moeten worden verstrekt.

2. Bij het opstellen van het aanvraagdossier gaat de visumautoriteit overeenkomstig artikel 15 in het VIS na of een van de lidstaten een eerdere aanvraag van de betrokken aanvrager in het VIS heeft geregistreerd.

3. Indien een eerdere aanvraag is geregistreerd, koppelt de visumautoriteit elk nieuw aanvraagdossier aan het eerdere aanvraagdossier betreffende die aanvrager.

4. Indien de aanvrager in een groep of samen met zijn echtgeno(o)t(e) en/of kinderen reist, stelt de visumautoriteit een aanvraagdossier op voor elke aanvrager en worden de aanvraagdossiers van de personen die samen reizen, aan elkaar gekoppeld.

5. Wanneer bepaalde gegevens om wettelijke redenen niet vereist zijn of feitelijk niet kunnen worden verstrekt, wordt in de rubrieken voor deze gegevens „niet van toepassing” vermeld. In het geval van vingerafdrukken is voor de toepassing van artikel 17 in het systeem een onderscheid mogelijk tussen de gevallen waarin om wettelijke redenen geen vingerafdrukken vereist zijn en de gevallen waarin zij feitelijk niet kunnen worden verstrekt. Na vier jaar verdwijnt deze mogelijkheid, tenzij zij bij een besluit van de Commissie wordt bevestigd op basis van de in artikel 50, lid 4, bedoelde evaluatie.