Art. 6 Richtlijn 2008/57/EG, Aanneming, herziening en bekendmaking van TSI’s

Richtlijn 2008/57/EG

1. De ontwerp-TSI’s en latere ontwerpwijzigingen in TSI’s worden door het Bureau opgesteld in opdracht van de Commissie volgens de in artikel 29, lid 3, van deze richtlijn bedoelde regelgevingsprocedure. Zij worden opgesteld overeenkomstig de artikelen 3 en 12 van Verordening (EG) nr. 881/2004 en in samenwerking met de in die artikelen genoemde werkgroepen.

Maatregelen die tot doel hebben de niet-essentiële elementen van deze richtlijn te wijzigen door deze richtlijn aan te vullen met TSI’s of met wijzigingen daarop, worden vastgesteld volgens de in artikel 29, lid 4, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

De Commissie mag om dwingende redenen van urgentie de in artikel 29, lid 5, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing toepassen.

2. Het is de opdracht van het Bureau de herziening en bijwerking van de TSI’s voor te bereiden en aanbevelingen te doen aan de Commissie, teneinde rekening te houden met de ontwikkeling van de techniek en de maatschappelijke eisen. De Commissie stelt het in artikel 29 bedoelde comité in kennis van dergelijke aanbevelingen.

3. Elke ontwerp-TSI wordt in twee fasen opgesteld.

Ten eerste bepaalt het Bureau de fundamentele parameters voor deze TSI, alsmede de interfaces met de andere subsystemen en alle andere noodzakelijke specifieke gevallen. Voor elk van deze parameters en interfaces worden de meest gunstige alternatieve oplossingen, vergezeld van technische en economische bewijsstukken, gepresenteerd.

Ten tweede werkt het Bureau op basis van deze fundamentele parameters de ontwerp-TSI uit. Eventueel houdt het Bureau rekening met de vooruitgang van de techniek, reeds uitgevoerde normalisatiewerkzaamheden, de bevindingen van bestaande werkgroepen en aanvaarde onderzoeksresultaten. Elke ontwerp-TSI gaat vergezeld van een volledige raming van de te verwachten kosten en baten van de toepassing van de TSI’s; daarin worden de verwachte gevolgen voor alle betrokken exploitanten en economische subjecten vermeld.

4. Bij de opstelling, aanneming en herziening van elke TSI (met inbegrip van de fundamentele parameters) wordt rekening gehouden met de te voorziene kosten en baten van alle voorgestelde technische oplossingen en van de onderlinge interfaces, teneinde te bepalen welke oplossingen de meest gunstige zijn en die uit te voeren. De lidstaten leveren een bijdrage aan deze raming door de benodigde gegevens te verstrekken.

5. Het in artikel 29 bedoelde comité wordt regelmatig op de hoogte gehouden van de werkzaamheden in verband met het opstellen van de TSI’s. Op verzoek van het comité kan de Commissie gedurende deze werkzaamheden de nodige opdrachten of aanbevelingen formuleren betreffende de opzet van de TSI’s, alsmede betreffende de raming van de kosten en baten. De Commissie kan met name op vraag van een lidstaat verzoeken alternatieve oplossingen te bestuderen en de raming van de kosten en baten van deze alternatieve oplossingen op te nemen in het verslag bij de ontwerp-TSI.

6. Bij de aanneming van elke TSI wordt volgens de in artikel 29, lid 4, bedoelde regelgevingsprocedure, de datum vastgesteld waarop die van kracht wordt. Wanneer verschillende subsystemen om redenen van technische compatibiliteit tegelijkertijd in gebruik moeten worden genomen, moeten de data van inwerkingtreding van de desbetreffende TSI’s overeenstemmen.

7. Bij de opstelling, aanneming en herziening van de TSI’s wordt rekening gehouden met de mening van de gebruikers ten aanzien van eigenschappen die rechtstreeks van invloed zijn op het gebruik van de subsystemen door die gebruikers. Daartoe pleegt het Bureau bij de opstelling en herziening van de TSI’s overleg met de representatieve gebruikersverenigingen en -organisaties. Het voegt een verslag van de uitkomst van dit overleg bij de ontwerp-TSI.

De lijst van verenigingen en organisaties waarmee overleg moet worden gepleegd, wordt door de Commissie, op advies van het comité, volgens de in artikel 29, lid 2, bedoelde adviesprocedure opgesteld en kan op verzoek van een lidstaat of op initiatief van de Commissie worden herzien en bijgewerkt.

8. Bij de opstelling, aanneming en herziening van de TSI’s wordt rekening gehouden met het advies van de sociale partners ten aanzien van de voorschriften van artikel 5, lid 3, onder g).

Daartoe worden de sociale partners geraadpleegd voordat de ontwerp-TSI met het oog op de aanneming of herziening ervan bij het comité van artikel 29 wordt ingediend.

De sociale partners worden geraadpleegd in het kader van het comité voor de sectorale dialoog, opgericht bij Besluit 98/500/EG van de Commissie van 20 mei 1998 betreffende de oprichting van comités voor de sectorale dialoog tussen de sociale partners op Europees niveau (18). De sociale partners brengen hun advies uit binnen een termijn van drie maanden.

9. Indien herziening van een TSI wijziging van de eisen tot gevolg heeft, moet de nieuwe TSI verenigbaarheid waarborgen met overeenkomstig vorige versies van de TSI in dienst genomen subsystemen.

Ingeval een nieuwe vergunning, vernieuwing of bijstelling van deze subsystemen noodzakelijk is met het oog op naar behoren gemotiveerde veiligheid of om redenen van interoperabiliteit, worden de desbetreffende termijnen vastgesteld in de TSI, of zo nodig door de lidstaten.

10. TSI’s worden door de Commissie in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.