Art. 167 Verordening (EG) nr. 718/2007, Sectoraal comité van toezicht
1. Overeenkomstig artikel 59 zet de operationele structuur voor elk programma een sectoraal comité van toezicht op. Er mag één comité van toezicht voor verscheidene programma’s binnen één afdeling worden opgericht. Dit comité komt ten minste twee keer per jaar bijeen, op initiatief van het begunstigde land of van de Commissie.
2. Elk sectoraal comité van toezicht stelt zijn eigen reglement van orde vast overeenkomstig het door de Commissie vastgestelde mandaat en binnen het institutionele, juridische en financiële kader van het begunstigde land. Dit reglement van orde wordt goedgekeurd in overleg met de operationele structuur en het IPA-comité van toezicht om ervoor te zorgen dat de taken in overeenstemming met deze verordening worden uitgevoerd.
3. Het hoofd van de operationele structuur en de Commissie fungeren gezamenlijk als voorzitter van het sectorale comité van toezicht. De operationele structuur beslist in overleg met de Commissie over de samenstelling van het comité.
In het sectorale comité van toezicht zijn vertegenwoordigd: de Commissie, de nationale IPA-coördinator, de strategisch coördinator voor de afdelingen regionale ontwikkeling en ontwikkeling van het menselijk potentieel en de operationele structuur van het programma. In voorkomend geval worden ook vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld en de sociaaleconomische partners in het comité opgenomen. Een vertegenwoordiger van de Europese Investeringsbank kan als adviseur aan de werkzaamheden deelnemen voor de operationele programma's waaraan de Europese Investeringsbank bijdraagt.
4. Het sectorale comité van toezicht voert de volgende werkzaamheden uit:
a) onderzoek en goedkeuring van de selectiecriteria voor de activiteiten, in voorkomend geval overeenkomstig artikel 155, lid 2, onder g), binnen zes maanden na de inwerkingtreding van de financieringsovereenkomst van het programma, en eventuele aanpassing van deze criteria in verband met de programmeringsbehoeften;
b) tijdens elke vergadering aan de hand van door de operationele structuur overgelegde documenten nagaan welke vooruitgang is geboekt bij de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van het operationele programma;
c) onderzoek van de resultaten van de uitvoering, met name de verwezenlijking van de voor elk zwaartepunt vastgestelde doelstellingen en maatregelen, en de in artikel 57, lid 5, bedoelde tussentijdse evaluaties; deze controle wordt uitgevoerd op basis van de in artikel 155, lid 2, onder d), beschreven indicatoren;
d) onderzoek van de sectorale jaar- en eindverslagen over de uitvoering als bedoeld in artikel 169;
e) het comité van toezicht wordt in kennis gesteld van het in artikel 29, lid 2, onder b), bedoelde jaarlijkse activiteitenverslag of van het gedeelte van het verslag dat verband houdt met het betrokken operationele programma, alsmede van de eventuele relevante opmerkingen van de Commissie na onderzoek van (het gedeelte van) dat verslag;
f) onderzoek van eventuele voorstellen tot wijziging van de financieringsovereenkomst van het programma.
5. Het comité van toezicht kan ook bij de operationele structuur voorstellen indienen tot herziening of toetsing van het programma waarmee de in artikel 155, lid 2, onder a), omschreven doelstellingen kunnen worden bereikt of ter verbetering van het beheer, met inbegrip van het financiële beheer.