Art. 162 Verordening (EG) nr. 718/2007, Uiterste betalingsdata
1. Het nationale fonds ziet erop toe dat de verzoeken tot tussentijdse betalingen voor elk operationeel programma drie keer per jaar aan de Commissie worden gezonden. Een betalingsaanvraag moet uiterlijk op 31 oktober worden ingediend om datzelfde jaar door de Commissie te kunnen worden voldaan.
2. Op voorwaarde dat er voldoende middelen beschikbaar zijn, verricht de Commissie de tussentijdse betaling uiterlijk twee maanden na registratie van het betalingsverzoek, dat moet voldoen aan artikel 43, lid 1, en artikel 161, lid 1.
3. Op voorwaarde dat er voldoende middelen beschikbaar zijn, betaalt de Commissie het eindsaldo zodra aan de volgende voorwaarden is voldaan:
a) de Commissie heeft het sectorale eindverslag over de uitvoering goedgekeurd, zoals beschreven in artikel 169, leden 4 en 5.
b) de Commissie heeft het oordeel van de auditautoriteit zoals bedoeld in artikel 45, lid 1, onder c), en het daarmee verband houdende activiteitenverslag zoals bedoeld in artikel 29, lid 2, onder b), eerste streepje, aanvaard.
4. De door de Commissie gedelegeerde ordonnateur in de zin van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 kan de betaling maximaal zes maanden uitstellen als:
a) er in een verslag van een nationale of communautaire auditinstantie aanwijzingen zijn voor significante tekortkomingen in de goede werking van de beheer- en controlesystemen; of
b) de gedelegeerde ordonnateur aanvullende verificaties moet verrichten naar aanleiding van te zijner kennis gekomen informatie die hem doet vermoeden dat uitgaven in een gecertificeerde uitgavenstaat verband houden met een ernstige onregelmatigheid ten aanzien waarvan geen corrigerende maatregelen zijn genomen; of
c) er meer duidelijkheid nodig is over de gegevens in de uitgavenstaat.
De nationale IPA-coördinator en de nationale ordonnateur worden onmiddellijk in kennis gesteld van de redenen voor het uitstel. Het uitstel wordt beëindigd zodra het begunstigde land de nodige maatregelen heeft genomen.