Art. 172 Verordening (EG) nr. 718/2007, Subsidiabiliteit van de uitgaven

Verordening (EG) nr. 718/2007

1. Naast de in artikel 34, lid 2, genoemde kosten komen de in lid 3, onder c), genoemde kosten in aanmerking voor subsidiëring in het kader van deze afdeling.

De krachtens artikel 34, lid 2, subsidiabele maatregelen op het gebied van technische bijstand worden beschreven in artikel 182.

2. Naast de in artikel 34, lid 3, beschreven uitgaven komen ook de volgende uitgaven niet in aanmerking voor subsidiëring:

a) de aankoop van landbouwproductierechten, dieren, eenjarige gewassen en de aanplant daarvan;

b) kosten in verband met onderhoud, afschrijving en huur;

c) kosten die de overheid maakt voor het beheer en de uitvoering van de steun.

3. Onverminderd artikel 34, lid 3, geldt voor investeringen:

a) subsidiabel zijn uitsluitend kosten in verband met de bouw of verbetering van onroerend goed;

b) de koop of huurkoop van nieuwe machines en nieuw materieel, met inbegrip van computerprogramma’s, is subsidiabel tot maximaal de marktwaarde van de activa; andere kosten in verband met een huurkoopcontract (de marge voor de verhuurder, kosten voor de herfinanciering van rente, overheadkosten, verzekeringspremies enz.) komen niet in aanmerking voor financiering;

c) algemene kosten in verband met de onder a) en b) bedoelde uitgaven, zoals kosten in verband met het inschakelen van architecten, ingenieurs en adviseurs, het uitvoeren van haalbaarheidsstudies en het verkrijgen van octrooien en licenties, zijn subsidiabel tot een maximum van 12 % van de onder a) en b) bedoelde kosten.

De uitvoeringsregels met betrekking tot dit artikel worden beschreven in de in artikel 7 beschreven sectorovereenkomsten of de in artikel 8 beschreven financieringsovereenkomsten.

4. Investeringsprojecten blijven in aanmerking komen voor communautaire financiering als ze geen wezenlijke veranderingen ondergaan binnen vijf jaar na betaling van het eindsaldo door de operationele structuur.

Vorige artikelen

Volgende artikelen