Art. 25 Richtlijn 2007/64/EG, Uitoefening van het recht tot vestiging en het recht tot het vrij verrichten van diensten

Richtlijn 2007/64/EG

1. Elke vergunninghoudende betalingsinstelling die voor de eerste maal betalingsdiensten in een andere lidstaat dan haar lidstaat van herkomst wil aanbieden op grond van het recht tot vestiging of het recht tot het vrij verrichten van diensten, stelt de bevoegde autoriteiten van haar lidstaat van herkomst daarvan in kennis.

Binnen een maand na ontvangst van deze kennisgeving stellen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst in kennis van de naam en het adres van de betalingsinstelling, de namen van de managers van het bijkantoor, de organisatiestructuur, en van de aard van de betalingsdiensten die deze instelling voornemens is op het grondgebied van de lidstaat van ontvangst aan te bieden.

2. Teneinde, ten aanzien van een agent, een bijkantoor of een entiteit waaraan taken zijn uitbesteed, van een betalingsinstelling op het grondgebied van een andere lidstaat, de controles te verrichten en de maatregelen te nemen waarin artikel 21 voorziet, werkt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst met de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst samen.

3. In het kader van de samenwerking in overeenstemming met de leden 1 en 2 waarschuwt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst telkens als zij een inspectie ter plaatse op het grondgebied van deze laatste beoogt te verrichten.

Indien beide autoriteiten dit wensen, kan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst de taak om inspecties ter plaatse bij de betrokken instelling te verrichten, evenwel aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van ontvangst delegeren.

4. De bevoegde autoriteiten verschaffen elkaar alle essentiële en/of relevante informatie, in het bijzonder wanneer er sprake is van inbreuken of van vermoedelijke inbreuken door een agent of een bijkantoor of een entiteit waaraan taken zijn uitbesteed. Daartoe geven zij op verzoek alle relevante informatie en verstrekken zij op eigen initiatief alle essentiële informatie.

5. De leden 1 tot en met 4 gelden onverminderd de verplichting van de bevoegde autoriteiten uit hoofde van Richtlijn 2005/60/EG en Verordening (EG) nr. 1781/2006, met name artikel 37, lid 1, van Richtlijn 2005/60/EG en artikel 15, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1781/2006, om erop toe te zien of te controleren dat de voorschriften van die wetsbesluiten worden nageleefd.