Art. 7 Verordening (EG) nr. 842/2006, Etikettering

Verordening (EG) nr. 842/2006

1. Onverminderd het bepaalde inzake het kenmerken van gevaarlijke stoffen en preparaten in Richtlijn 67/548/EEG van de Raad (17), alsook in Richtlijn 1999/45/EG (18), mogen de in lid 2 genoemde producten en apparaten die gefluoreerde broeikasgassen bevatten, niet op de markt worden gebracht, tenzij de chemische namen van de gefluoreerde broeikasgassen door middel van een etiket en aan de hand van de door de industrie aanvaarde nomenclatuur zijn aangeduid, waarbij op het etiket duidelijk wordt vermeld dat het product of het apparaat onder het Protocol van Kyoto inzake klimaatverandering vallende gefluoreerde broeikasgassen bevat en de hoeveelheid ervan, en dit duidelijk en onuitwisbaar op het product of apparaat is aangegeven, nabij de servicepunten voor het laden of terugwinnen van het gefluoreerde broeikasgas, of op dat gedeelte van het product dat het gefluoreerde broeikasgas bevat. Hermetisch afgesloten systemen moeten als dusdanig worden gekenmerkt.

Informatie over de gefluoreerde broeikasgassen, met inbegrip van het aardopwarmingsvermogen ervan, wordt opgenomen in de handleiding van dergelijke producten en apparatuur.

2. Lid 1 is van toepassing op de volgende soorten producten en apparatuur:

a) koelproducten en -apparatuur die perfluorkoolstoffen of preparaten met perfluorkoolstoffen bevatten;

b) koel- en klimaatregelingsproducten en -apparatuur, andere dan klimaatregelingssystemen voor motorvoertuigen, warmtepompen, brandbeveiligingssystemen en brandblussers, indien de respectieve soorten producten of apparatuur fluorkoolwaterstoffen of preparaten met fluorkoolwaterstoffen bevatten;

c) schakelaars die zwavelhexafluoride of preparaten daarvan bevatten, en

d) alle houders van gefluoreerde broeikasgassen.

3. De vorm van het te gebruiken etiket wordt volgens de in artikel 12, lid 2, bedoelde procedure vastgesteld. Etiketteringsvoorschriften bovenop dewelke bedoeld in lid 1 worden in voorkomend geval volgens dezelfde procedure vastgesteld. Alvorens een voorstel te doen aan het in artikel 12, lid 1, bedoelde comité evalueert de Commissie of het wenselijk is aanvullende milieu-informatie, met inbegrip van het aardopwarmingsvermogen, op etiketten te vermelden, rekening houdend met bestaande etiketteringsvoorschriften die reeds op de in lid 2 bedoelde producten en apparatuur van toepassing zijn.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen