Art. 48, Controleverslag

1. Over elke controle ter plaatse in het kader van dit hoofdstuk, ongeacht of de betrokken landbouwer voor de controle ter plaatse is geselecteerd overeenkomstig artikel 45 of naar aanleiding van niet-nalevingen die op enige andere wijze onder de aandacht van de bevoegde controleautoriteit zijn gebracht, stelt de bevoegde controleautoriteit een controleverslag op.

Het verslag bestaat uit de volgende gedeelten:

a) een algemeen gedeelte dat met name de volgende gegevens bevat:

i) de voor de controle ter plaatse geselecteerde landbouwer;

ii) de aanwezige personen;

iii) of de landbouwer van het bezoek in kennis was gesteld en, zo ja, hoe lang van tevoren;

b) een gedeelte waarin de voor elk van de besluiten en normen verrichte controles afzonderlijk worden behandeld en dat met name de volgende gegevens bevat:

i) de eisen en normen waarop de controle ter plaatse betrekking had;

ii) de aard en omvang van de verrichte controles;

iii) de bevindingen;

iv) de besluiten en normen ten aanzien waarvan niet-nalevingen zijn vastgesteld;

c) een evaluatiegedeelte waarin het belang van de niet-naleving voor elk besluit en/of elke norm in kwestie overeenkomstig artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1782/2003 wordt beoordeeld aan de hand van de criteria „ernst”, „omvang”, „permanent karakter” en „herhaling”, met vermelding van welke factoren ook die tot een verhoging of verlaging van de toe te passen korting zouden moeten leiden.

Indien de bepalingen inzake de betrokken eis of norm speelruimte laten om verder geen werk van de vastgestelde niet-naleving te maken, wordt daar in het verslag melding van gemaakt. Hetzelfde geldt in het geval dat een lidstaat overeenkomstig artikel 5, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad van 17 mei 1999 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) (18) extra tijd gunt voor de naleving van een nieuwe norm of overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 445/2002 van de Commissie van 26 februari 2002 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1257/1999 (19)

2. De landbouwer wordt van alle vastgestelde niet-nalevingen in kennis gesteld.

3. Onverminderd eventuele bijzondere bepalingen in de voor de eisen en normen geldende regelgeving, wordt het controleverslag binnen één maand na de controle ter plaatse voltooid. Deze termijn kan echter in deugdelijk gemotiveerde gevallen, met name de noodzaak van een chemische of fysische analyse, tot drie maanden worden verlengd.

Indien de bevoegde controleautoriteit niet het betaalorgaan is, wordt het verslag binnen een maand na de voltooiing ervan aan het betaalorgaan toegezonden.

Uitspraken die dit artikel aanhalen