Art. 21, Investeringen
1. Een landbouwer die onder de voorwaarden van de leden 2 tot en met 6 van het onderhavige artikel en uiterlijk op 29 september 2003 geïnvesteerd heeft in productiecapaciteit of grond heeft gekocht, ontvangt toeslagrechten die zijn berekend door een referentiebedrag dat door de lidstaat is vastgesteld op basis van objectieve criteria en op zodanige wijze dat een gelijke behandeling van de landbouwers wordt gewaarborgd en markt- en concurrentieverstoringen worden voorkomen, te delen door een aantal hectaren dat niet groter is dan het aantal hectaren dat hij heeft gekocht.
2. Voor investeringen dient een desbetreffend plan of programma te zijn opgesteld waarvan de tenuitvoerlegging uiterlijk op 29 september 2003 van start is gegaan. Het plan of programma wordt door de landbouwer aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat meegedeeld.
Indien geen schriftelijk plan of programma bestaat, kan de lidstaat rekening houden met andere objectieve bewijzen van de investering.
3. De verhoging van de productiecapaciteit mag alleen betrekking hebben op de sectoren waarvoor in de referentieperiode een in bijlage VI bij Verordening (EG) nr. 1782/2003 genoemde rechtstreekse betaling zou zijn verleend, in welk geval rekening wordt gehouden met de toepassing van de mogelijkheden waarin de artikelen 66 tot en met 70 van die verordening voorzien.
De aankoop van grond mag alleen betrekking hebben op de aankoop van subsidiabele grond in de zin van artikel 44, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1782/2003.
In geen geval wordt voor de toepassing van dit artikel dat deel van de verhoging van de productiecapaciteit en/of van de aangekochte grond in aanmerking genomen waarvoor de landbouwer reeds recht op de toewijzing van toeslagrechten en/of referentiebedragen voor de referentieperiode heeft.
4. Voor de toepassing van lid 1 wordt langetermijnverhuur voor een periode van ten minste zes jaar die uiterlijk op 29 september 2003 is ingegaan, als een aankoop van grond beschouwd.
5. Indien een landbouwer reeds toeslagrechten in eigendom heeft, wordt in geval van aankoop of langetermijnverhuur het aantal toeslagrechten berekend op basis van de gekochte of gehuurde hectaren, en mag in het geval van andere investeringen de totale waarde van de bestaande toeslagrechten worden verhoogd binnen de limiet van het referentiebedrag als bedoeld in lid 1.
6. Indien een landbouwer niet over hectaren beschikt of geen toeslagrechten in eigendom heeft, wordt het aantal toeslagrechten berekend door het referentiebedrag als bedoeld in lid 1, te delen door een waarde per eenheid die niet groter mag zijn dan EUR 5 000.
De waarde van elk toeslagrecht is gelijk aan die waarde per eenheid.
De toeslagrechten zijn onderworpen aan de in artikel 49 van Verordening (EG) nr. 1782/2003 vastgestelde voorwaarden. De lidstaat stelt op basis van objectieve criteria vast wat de in lid 2 van dat artikel genoemde 50 % van de landbouwactiviteit omvat.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 22 september 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BO1209
- CBb 28 april 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM3390
- CBb 28 april 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM3384
- CBb 10 februari 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM1742
- CBb 7 oktober 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BK0624
- CBb 24 juli 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BJ6563
- CBb 4 februari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH3307
- CBb 8 januari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH2662
- CBb 17 december 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG8421
- CBb 17 december 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG8419
- CBb 19 november 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG8042
- CBb 3 december 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG8036
- CBb 10 november 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG4132
- CBb 8 oktober 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG1616
- CBb 13 oktober 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BG0997
- CBb 10 september 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BF8913
- CBb 10 september 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BF8872
- CBb 23 april 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BD0641
- CBb 2 april 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BC9987
- CBb 2 april 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BC9984