Art. 24, Aangifte en gebruik van toeslagrechten
1. Alleen de landbouwer die op de uiterste datum voor indiening van een aanvraag in het kader van de bedrijfstoeslagregeling toeslagrechten in bezit heeft, mag deze toeslagrechten eens per jaar ter betaling aangeven.
2. De lidstaten stellen het begin van de in artikel 44, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1782/2003 bedoelde periode van 10 maanden voor elke individuele landbouwer vast op één enkele datum binnen een vast te stellen periode tussen 1 september van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de aanvragen voor deelname aan de bedrijfstoeslagregeling worden ingediend, en 30 april van het daaropvolgende kalenderjaar, of laten de landbouwer zelf een begindatum binnen de vastgestelde periode kiezen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 23 juni 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BN0427
- CBb 28 mei 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM8581
- CBb 9 november 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BK5883
- CBb 9 november 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BK5879
- CBb 25 februari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH4686
- CBb 20 februari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH4684
- CBb 4 februari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH3306