Art. 29 Richtlijn 2003/55/EG, Herzieningsprocedure

Richtlijn 2003/55/EG

Ingeval in het in artikel 31, lid 3, bedoelde verslag geconcludeerd wordt dat de Commissie, in het licht van de effectieve wijze waarop de toegang tot het netwerk in een lidstaat geregeld is - en waar de toegang tot het netwerk dus volledig effectief, niet-discriminerend en ongehinderd verloopt - vaststelt dat bepaalde verplichtingen die uit hoofde van deze richtlijn op ondernemingen rusten (ook als het gaat om verplichtingen inzake juridische ontvlechting voor distributiesysteembeheerders) niet in verhouding staan tot het beoogde doel, mag de lidstaat in kwestie de Commissie verzoeken van deze verplichting te worden vrijgesteld.

De lidstaat stelt de Commissie onverwijld in kennis van het verzoek en van alle informatie waaruit blijkt dat de in het verslag getrokken conclusie - nl. dat de effectieve toegang tot het netwerk gewaarborgd is - geldig blijft.

Binnen drie maanden na ontvangst van de kennisgeving stelt de Commissie een advies op over het verzoek van de betrokken lidstaat, en indien passend dient zij bij het Europees Parlement en de Raad voorstellen in om de bepalingen in kwestie van de richtlijn aan te passen. In haar voorstellen tot aanpassing van de richtlijn kan de Commissie voorzien in vrijstelling van de betrokken lidstaat van specifieke verplichtingen, op voorwaarde dat die lidstaat indien nodig even effectieve maatregelen neemt.