Art. 6 Verordening (EG) nr. 2419/2001, Voorwaarden met betrekking tot de steunaanvragen "oppervlakten"
Verordening (EG) nr. 2419/2001
1. Een steunaanvraag "oppervlakten" moet alle gegevens bevatten die nodig zijn om te bepalen of op de steun aanspraak kan worden gemaakt, en met name:
a) de identiteit van het bedrijfshoofd,
b) de voor de identificatie van alle percelen landbouwgrond van het bedrijf dienstige gegevens, de oppervlakte van deze percelen, uitgedrukt in hectare tot twee cijfers achter de komma, de ligging en het gebruik ervan, eventueel het feit dat het om een geïrrigeerd perceel gaat, en de betrokken steunregeling;
c) een verklaring van het bedrijfshoofd dat hij kennis heeft genomen van de voorwaarden in verband met de betrokken steun.
2. In de steunaanvraag "oppervlakten" van een bedrijfshoofd dat deel uitmaakt van een producentengroepering als bedoeld in artikel 1, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 3493/90 en die voor hetzelfde kalenderjaar naast steun op grond van de premieregelingen voor schapen en geiten ook steun op grond van een andere communautaire regeling wil aanvragen, moeten met name alle door deze producentengroepering gebruikte percelen landbouwgrond worden vermeld. In dit geval wordt het voederareaal denkbeeldig over de betrokken bedrijfshoofden verdeeld in verhouding tot hun op 1 januari van het betrokken jaar geldende individuele maxima in de zin van artikel 6 van Verordening (EG) nr. 2467/98 van de Raad(16).
3. Wanneer een steunaanvraag "oppervlakten" uitsluitend betrekking heeft op blijvend grasland, kan de betrokken lidstaat bepalen dat deze later dan de overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 3508/92 vastgestelde datum, doch niet later dan 1 juli, mag worden ingediend.
Artikel 6, lid 2, derde alinea, van Verordening (EEG) nr. 3508/92 is van overeenkomstige toepassing.