Art. 7 Verordening (EG) nr. 1808/2001

Verordening (EG) nr. 1808/2001

1. De geldigheidsduur van communautaire invoervergunningen bedraagt niet meer dan twaalf maanden. Een invoervergunning is in ieder geval ongeldig indien een overeenkomstig geldig document van het land van uitvoer of wederuitvoer ontbreekt.

De geldigheidsduur van communautaire uitvoervergunningen en wederuitvoercertificaten bedraagt niet meer dan zes maanden.

Wanneer de geldigheidsduur van de in de eerste en tweede alinea bedoelde communautaire vergunningen en certificaten is verstreken, worden zij nietig geacht en verliezen zij elke rechtsgeldigheid.

De houder zendt het origineel en alle kopieën van vervallen of ongebruikte communautaire invoervergunningen, uitvoervergunningen of wederuitvoercertificaten zonder verwijl aan de administratieve instantie van afgifte terug.

2. De in artikel 20 bedoelde certificaten en de kopieën voor de aanvrager van gebruikte invoervergunningen verliezen hun geldigheid indien daarop vermelde levende specimens zijn gestorven, indien levende dieren zijn ontsnapt, indien specimens zijn vernietigd of indien enig gegeven dat is vermeld in vak 2 of 4 van een certificaat of in vak 3 - in het geval van soorten van bijlage A bij Verordening (EG) nr. 338/97 - of vak 6 of 8 van een kopie voor de aanvrager van een gebruikte invoervergunning niet langer met de werkelijkheid overeenstemt.

De in artikel 20, lid 3, onder e), en in artikel 30 bedoelde certificaten verliezen hun geldigheid indien de in vak 1 vermelde informatie niet langer met de werkelijkheid overeenstemt.

Dergelijke documenten dienen zonder verwijl te worden teruggezonden aan de instantie van afgifte, die in voorkomend geval overeenkomstig artikel 21 een aan de nieuwe situatie aangepast certificaat kan afgeven.

3. Wanneer een vergunning of certificaat wordt afgegeven ter vervanging van een document dat is geannuleerd, verloren, gestolen of vernietigd of waarvan - in het geval van een vergunning of wederuitvoercertificaat - de geldigheidsduur is verstreken, worden daarop het nummer van het vervangen document en de reden van de vervanging aangegeven in het vak bestemd voor de vermelding van de "bijzondere voorwaarden".

4. Wanneer een uitvoervergunning of wederuitvoercertificaat is geannuleerd, verloren, gestolen of vernietigd, stelt de administratieve instantie van afgifte de administratieve instantie van het land van bestemming en het secretariaat van de overeenkomst daarvan in kennis.