Art. 37 Verordening (EG) nr. 1808/2001

Verordening (EG) nr. 1808/2001

Wanneer op het grondgebied van de Gemeenschap voor het merken van levende dieren het vasthechten van een identificatieplaatje, manchet, ring of ander voorwerp, het aanbrengen van een merkteken op enig lichaamsdeel of het inplanten van een microchiptransponder noodzakelijk is, geschiedt dit met de gepaste zorgen, rekening houdend met het welzijn en het natuurlijk gedrag van het betrokken specimen.