Art. 8 Richtlijn 2001/16/EG

Richtlijn 2001/16/EG

De lidstaten nemen alle dienstige maatregelen opdat de interoperabiliteitsonderdelen:

a) alleen op de markt worden gebracht indien zij de interoperabiliteit van het conventionele trans-Europese systeem mogelijk maken door te voldoen aan de essentiële eisen;

b) binnen hun toepassingsgebied worden gebruikt overeenkomstig hun bestemming en naar behoren worden geïnstalleerd en onderhouden.

Deze bepalingen vormen geen belemmering voor het op de markt brengen van deze onderdelen voor andere toepassingen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen