Art. 9 Verordening (EG) nr. 1623/2000, Voorwaarden voor de toekenning van de steun
Verordening (EG) nr. 1623/2000
1. Behalve in geval van overmacht is de steun slechts verschuldigd voor de daadwerkelijk verwerkte hoeveelheden grondstof waarvoor de volgende verhouding tussen de betrokken producten en het vervaardigde druivensap niet is overschreden:
a) 1,3 voor druiven in 100 kg/hl;
b) 1,05 voor most in hl/hl;
c) 0,30 voor geconcentreerde druivenmost in hl/hl.
Bij productie van geconcentreerd druivensap worden deze coëfficiënten vermenigvuldigd met 5.
2. Wanneer de verwerker een andere uit deze verordening voortvloeiende verplichting niet nakomt dan die om de grondstof waarop de steunaanvraag betrekking heeft, te verwerken tot druivensap, wordt, behalve in geval van overmacht, de te betalen steun verminderd met een bedrag dat door de bevoegde instantie wordt vastgesteld naar gelang van de ernst van het verzuim.
3. In geval van overmacht neemt de bevoegde instantie de maatregelen die zij in verband met de aangevoerde omstandigheden noodzakelijk acht.