Art. 7 Verordening (EG) nr. 1623/2000, Regels voor de gebruikers
Verordening (EG) nr. 1623/2000
1. In de zin van dit artikel wordt onder "gebruiker" verstaan elke andere marktdeelnemer dan de verwerker, die één van de volgende bewerkingen uitvoert: botteling of verpakking, opslag met het oog op verkoop aan één of meer bedrijven die de hiervoor of hierna genoemde bewerkingen verrichten, of vervaardiging, door vermenging met andere producten dan druivensap, van eetbare producten.
2. Wanneer de verwerker niet zelf de in lid 1 bedoelde bewerkingen uitvoert, moet hij op het in artikel 70, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde geleidedocument aangeven of hij voor de productie van druivensap een steunaanvraag in het kader van deze verordening heeft ingediend of zal indienen.
3. Wanneer het druivensap in de Gemeenschap door de verwerker wordt verzonden naar een gebruiker die het opslaat voordat het wordt gebotteld of voordat het wordt gebruikt voor de vervaardiging van andere eetbare producten,
a) zendt het opslagbedrijf het geleidedocument voor het druivensap uiterlijk vijftien dagen na de ontvangst van het product aan de bevoegde instantie van de plaats van lossing,
b) mag de bevoegde instantie het onder a), bedoelde geleidedocument alleen viseren na zich ervan te hebben vergewist dat ten minste een even grote hoeveelheid als die waarop de betrokken zending betrekking heeft, met een passend geleidedocument naar een bottelaar of een fabrikant van de in deze verordening bedoelde eetbare producten is verzonden en door deze gebruikers in ontvangst is genomen.
Als aan de in de eerste alinea, onder b), van dit lid bedoelde voorwaarden is voldaan en na ontvangst van het geleidedocument, retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing de kopie van het onder a) bedoelde geleidedocument, naar behoren geviseerd, aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.
4. Wanneer het druivensap door de verwerker in de Gemeenschap wordt verzonden naar een gebruiker die het bottelt, zendt deze laatste binnen vijftien dagen na ontvangst van het product een kopie van het geleidedocument aan de bevoegde instantie van de plaats van lossing.
Uiterlijk dertig dagen na de ontvangst ervan retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing de kopie van het geleidedocument, naar behoren geviseerd, aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.
Op verzoek van de gebruiker die bottelt of de verwerker retourneert de bevoegde instantie of de gemachtigde dienst van de plaats van lossing hem rechtstreeks de naar behoren geviseerde kopie van het geleidedocument.
5. Wanneer het druivensap door de verwerker in de Gemeenschap wordt verzonden naar een gebruiker die andere eetbare producten op basis van dit druivensap vervaardigt,
a) zendt de fabrikant van deze producten het geleidedocument voor het druivensap uiterlijk vijftien dagen na de ontvangst van dit product aan de bevoegde instantie,
b) mag de bevoegde instantie de onder a) bedoelde geleidedocumenten alleen viseren, als zij voldoende garanties heeft dat het druivensap daadwerkelijk bestemd is voor de vervaardiging van de betrokken eetbare producten.
Zodra deze garanties er zijn, retourneert de bevoegde instantie van de plaats van lossing uiterlijk dertig dagen na ontvangst van het in dit lid bedoelde geleidedocument de naar behoren geviseerde kopie aan de verwerker/verzender van het betrokken druivensap.
6. In de in dit artikel bedoelde gevallen dient de gebruiker een voorraadboekhouding bij te houden waarin met name moeten worden vermeld:
a) de onverpakte hoeveelheden druivensap die dagelijks in zijn bedrijf worden aangevoerd, en de naam en het adres van de verzender of de verwerker,
b) de onverpakte hoeveelheden druivensap die dagelijks zijn bedrijf verlaten, en de naam en het adres van de geadresseerde(n),
c) de dagelijks verpakte hoeveelheden druivensap en/of druivensap vermengd met andere producten, met opgave van de hoeveelheden druivensap die zijn gebruikt bij de vervaardiging van de betrokken producten.
7. De bewijsstukken met betrekking tot de in lid 7 van dit artikel bedoelde voorraadboekhouding moeten bij elke verificatie ter beschikking van de controle-instanties worden gesteld.