Art. 24 Verordening (EG) nr. 1347/2000, Beslissing van de rechterlijke instantie

Verordening (EG) nr. 1347/2000

1. De rechterlijke instantie tot welke het verzoek is gericht, doet onverwijld uitspraak. De persoon tegen wie de tenuitvoerlegging wordt gevraagd, wordt in deze stand van de procedure niet gehoord.

2. Het verzoek kan slechts om een van de in de artikelen 15, 16 en 17 genoemde redenen worden afgewezen.

3. In geen geval wordt overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de beslissing.