Art. 21 Verordening (EG) nr. 1347/2000, Uitvoerbare beslissingen

Verordening (EG) nr. 1347/2000

1. De beslissingen inzake de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid over een gemeenschappelijk kind van de partijen, welke in een lidstaat gegeven zijn en daar uitvoerbaar zijn, en betekend zijn, worden in een andere lidstaat ten uitvoer gelegd, nadat zij aldaar, op verzoek van een belanghebbende partij, uitvoerbaar zijn verklaard.

2. In het Verenigd Koninkrijk worden deze beslissingen in Engeland en Wales, in Schotland of in Noord-Ierland echter eerst ten uitvoer gelegd na op verzoek van een belanghebbende in het betrokken deel van het Verenigd Koninkrijk voor tenuitvoerlegging geregistreerd te zijn.