Art. 46 Verordening (EG) nr. 1291/2000
Verordening (EG) nr. 1291/2000
1. Voor de toepassing van artikel 896 van Verordening (EEG) nr. 2454/93 wordt de verklaring dat de noodzakelijke maatregelen zijn genomen om eventueel de gevolgen van het in het vrije verkeer brengen teniet te kunnen doen, verstrekt door de autoriteit die het certificaat heeft afgegeven, onverminderd lid 4 van dit artikel.
De importeur stelt de autoriteit die het certificaat heeft afgegeven, in kennis van:
- de naam en het adres van de in artikel 877, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bedoelde beschikkende douaneautoriteit waaraan de verklaring moet worden gezonden,
- de hoeveelheid en de aard van de betrokken producten, de datum van invoer en het nummer van het betrokken certificaat.
Indien het certificaat nog niet aan de autoriteit van afgifte is overhandigd, moet de importeur het certificaat aan deze autoriteit overleggen.
Alvorens de in de eerste alinea bedoelde verklaring te verzenden, moet de autoriteit die het certificaat heeft afgegeven, zich ervan vergewissen:
- dat de zekerheid voor de betrokken hoeveelheid niet is vrijgegeven en niet zal worden vrijgegeven, of
- dat, indien de zekerheid is vrijgegeven, deze voor de betrokken hoeveelheden opnieuw wordt gesteld.
De zekerheid wordt evenwel niet opnieuw gesteld voor de hoeveelheden boven het percentage vanaf hetwelk de verplichting tot invoer als te zijn nagekomen wordt beschouwd.
Het certificaat wordt aan de belanghebbende teruggegeven.
2. Indien de terugbetaling of de kwijtschelding van de invoerrechten wordt geweigerd, stelt de beschikkende autoriteit de autoriteit die het certificaat heeft afgegeven daarvan in kennis. De zekerheid voor de betrokken hoeveelheid wordt vrijgegeven.
3. Indien de terugbetaling of de kwijtschelding van de rechten is toegestaan, wordt de afschrijving op het certificaat voor de betrokken hoeveelheid geannuleerd, zelfs als de geldigheidsduur van het certificaat is verstreken. De belanghebbende moet het certificaat onmiddellijk aan de instantie van afgifte terugzenden wanneer de geldigheidsduur ervan is verstreken. De zekerheid voor de betrokken hoeveelheid wordt met inachtneming van de terzake geldende voorschriften verbeurd.
4. De leden 1 en 2 zijn niet van toepassing:
a) indien het als gevolg van overmacht noodzakelijk is de producten opnieuw uit te voeren, te vernietigen of onder het stelsel van douane-entrepots of van vrije zones te plaatsen, of
b) indien de producten zich in de situatie als bedoeld in artikel 900, lid 1, onder n), tweede streepje, van Verordening (EEG) nr. 2454/93 bevinden, of
c) indien het certificaat waarop de ingevoerde hoeveelheid zojuist is afgeschreven, op het tijdstip van indiening van het verzoek om terugbetaling of kwijtschelding van de rechten nog niet aan de belanghebbende is overhandigd.
5. Lid 3, eerste zin:
- is niet van toepassing in het in lid 4, onder b), bedoelde geval,
- is in het in lid 4, onder a), bedoelde geval uitsluitend op verzoek van de belanghebbende van toepassing.