Art. 9 Verordening (EG) nr. 104/2000

Verordening (EG) nr. 104/2000

1. Aan het begin van het visseizoen legt elke producentenorganisatie aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat een door haar opgesteld werkprogramma voor het visseizoen met betrekking tot de in de bijlagen I, IV en V genoemde soorten voor, dat de volgende elementen omvat:

a) de afzetstrategie die de organisatie zal volgen om de hoeveelheid en de kwaliteit van het aanbod af te stemmen op de behoeften en de eisen van de markt;

b) - een specifiek visplan voor de soorten in de bijlagen I en IV, met name voor de vissoorten waarvoor vangstquota gelden, voorzover de betrokken soorten een significant deel van de aanvoer van de aangeslotenen uitmaken;

- een productieplan voor de soorten in bijlage V;

c) bijzondere maatregelen voor een preventieve regulering van het aanbod voor soorten die traditioneel tijdens het seizoen met afzetmoeilijkheden te kampen hebben;

d) sancties tegen de aangeslotenen die de voor de uitvoering ervan genomen besluiten niet naleven.

Het werkprogramma kan worden herzien naar aanleiding van onvoorziene omstandigheden gedurende het visseizoen; de herziening wordt gemeld aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat.

Een recentelijk erkende producentenorganisatie is niet verplicht om gedurende het eerste jaar volgend op haar erkenning een werkprogramma op te stellen.

2. Het werkprogramma en alle herzieningen daarvan moeten door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat worden goedgekeurd.

3. Onverminderd artikel 6, lid 1, onder b), doen de lidstaten het nodige om te controleren of elke producentenorganisatie haar verplichtingen overeenkomstig lid 1 nakomt en passen zij de volgende sancties toe bij niet-nakoming:

a) Indien een producentenorganisatie heeft nagelaten een aan de voorschriften van lid 1 voldoend werkprogramma voor het visseizoen op te stellen, ontvangt zij voor het betreffende visseizoen geen financiële steun voor interventiemaatregelen overeenkomstig het bepaalde in titel IV.

b) Indien een producentenorganisatie de maatregelen waarin haar werkprogramma voorziet, niet heeft toegepast, wordt voor het betreffende visseizoen:

- slechts 75 % van de financiële steun toegekend voor interventiemaatregelen overeenkomstig het bepaalde in titel IV in een eerste geval van niet-nakoming,

- slechts 50 % van genoemde financiële steun toegekend in een tweede geval, en

- geen financiële steun toegekend in elk volgend geval.

Tot 1 januari 2002 worden de onder a) en b) bedoelde sancties niet toegepast.

4. De lidstaten stellen de Commissie onverwijld in kennis van alle gevallen waarin de in lid 3, onder a) of b), vervatte maatregelen zijn toegepast.

5. De bepalingen ter uitvoering van dit artikel worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 38, lid 2.