Art. 5 Vierde richtlijn motorrijtuigenverzekering, Informatiecentrum
Richtlijn 2000/26/EG (Vierde richtlijn motorrijtuigenverzekering)
1. Iedere lidstaat draagt zorg voor de oprichting of erkenning van een informatiecentrum dat de benadeelde in staat moet stellen schadevergoeding te eisen en dat daartoe
a) ofwel een register bijhoudt dat de volgende informatie bevat:
1. de inschrijvingsnummers van motorrijtuigen die gewoonlijk op het grondgebied van de betreffende lidstaat zijn gestald;
2. i) de nummers van de verzekeringspolissen waardoor het gebruik van deze voertuigen wordt gedekt voor de branche 10, punt A, van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG ingedeelde risico's, uitgezonderd de aansprakelijkheid van de vervoerder en, indien de polis is verstreken, de datum waarop de dekking is geëindigd;
ii) het nummer van de groene kaart of van de grensverzekeringspolis indien het voertuig wordt gedekt door een van deze documenten, voor voertuigen waarvoor de in artikel 4, onder b), van Richtlijn 72/166/EEG bepaalde afwijking geldt;
3. de verzekeringsondernemingen die voertuigen dekken voor de bij branche 10 in punt A van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG ingedeelde risico's, uitgezonderd de aansprakelijkheid van de vervoerder, en de schaderegelaars die deze verzekeringsondernemingen ingevolge artikel 4 hebben aangewezen en van wie zij de naam overeenkomstig lid 2 van dit artikel aan het centrum hebben medegedeeld;
4. de lijst van de voertuigen waarvoor in elke lidstaat overeenkomstig artikel 4, onder a) en b), van Richtlijn 72/166/EEG wordt afgeweken van de verplichte verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid;
5. met betrekking tot voertuigen als bedoeld in punt 4:
i) de naam van de autoriteit of de instantie die overeenkomstig de tweede alinea van artikel 4, onder a), van Richtlijn 72/166/EEG, is belast met de schadevergoeding aan de benadeelden, indien de procedure van artikel 2, lid 2, eerste streepje, van Richtlijn 72/166/EEG niet van toepassing is en indien voor het voertuig de afwijking geldt van artikel 4, onder a), van Richtlijn 72/166/EEG;
ii) de naam van de instantie waaronder het voertuig ressorteert in de lidstaat waar het gewoonlijk gestald is, indien voor het voertuig de afwijking geldt van artikel 4, onder b), van Richtlijn 72/166/EEG;
b) ofwel de verzameling en de verspreiding van deze gegevens coördineert en
c) de informatiegerechtigden bijstand verleent om de onder a), punten 1, 2, 3, 4 en 5, van dit lid vermelde informatie te achterhalen.
De onder a), punten 1, 2 en 3, genoemde informatie moet gedurende zeven jaar na het verstrijken van de inschrijving van het voertuig of van de verzekeringsovereenkomst worden bewaard.
2. Verzekeringsondernemingen als bedoeld in lid 1, onder a), punt 3, stellen de informatiecentra van alle lidstaten in kennis van de naam en het adres van de in iedere lidstaat overeenkomstig artikel 4 aangewezen schaderegelaar.
3. De lidstaten zorgen ervoor dat de benadeelde het recht heeft binnen zeven jaar na het ongeval bij het informatiecentrum van de lidstaat van zijn woonplaats of van de lidstaat waar het voertuig gewoonlijk is gestald dan wel van de lidstaat waar het ongeval zich heeft voorgedaan, onverwijld de volgende informatie te verkrijgen:
a) de naam en het adres van de verzekeringsonderneming,
b) het nummer van de verzekeringspolis en
c) de naam en het adres van de schaderegelaar van de verzekeringsonderneming in de staat van de woonplaats van de benadeelde.
De informatiecentra werken onderling samen.
4. Indien de benadeelde er rechtmatig belang bij heeft, deelt het informatiecentrum hem naam en adres van de eigenaar, de gebruikelijke bestuurder of de ingeschreven houder van het voertuig mee. Het informatiecentrum informeert daartoe in het bijzonder bij:
a) de verzekeringsonderneming of
b) het bureau motorrijtuigenregistratie.
Indien voor het voertuig de afwijking geldt van artikel 4, onder a), van Richtlijn 72/166/EEG, deelt het informatiecentrum de benadeelde de naam mee van de autoriteit of de instantie die overeenkomstig de tweede alinea van artikel 4, onder a), van die richtlijn is belast met de schadevergoeding aan de benadeelden, indien de procedure van artikel 2, lid 2, eerste streepje, van die richtlijn niet van toepassing is.
Indien voor het voertuig de afwijking geldt van artikel 4, onder b), van Richtlijn 72/166/EEG, deelt het informatiecentrum de benadeelde de naam mee van de instantie van het land waar het voertuig gewoonlijk is gestald.
5. Bij de verwerking van persoonsgegevens die op grond van de vorige leden zijn verkregen, moeten de krachtens Richtlijn 95/46/EG genomen nationale maatregelen in acht worden genomen.