Art. 2 Richtlijn 2000/12/EG, Toepassingsgebied
1. Deze richtlijn heeft betrekking op de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen. Zij is van toepassing op alle kredietinstellingen.
2. De artikelen 25 en 52 tot en met 56 zijn ook van toepassing op financiële en op gemengde holdings die hun zetel in de Gemeenschap hebben.
Met uitzondering van de centrale banken van de lidstaten worden de instellingen die bij lid 3 permanent zijn uitgesloten, voor de toepassing van de artikelen 25 en 52 tot en met 56 als financiële instellingen behandeld.
3. Deze richtlijn heeft geen betrekking op de werkzaamheden van:
- de centrale banken der lidstaten;
- de postcheque- en girodiensten;
- in België, het "Herdiscontering- en Waarborginstituut/Institut de Réescompte et de Garantie";
- in Denemarken, het "Dansk Eksportfinansieringsfond" en het "Danmarks Skibskreditfond" en het "Dansk Landbrugs Realkreditfond";
- in Duitsland, de "Kreditanstalt für Wiederaufbau", instellingen die op grond van de "Wohnungsgemeinnützigkeitsgesetz" erkend zijn als organen ter uitvoering van het woningbouwbeleid van de centrale overheid en niet overwegend banktransacties verrichten, alsmede instellingen die op grond van deze wet erkend zijn als woningbouwverenigingen van algemeen nut;
- in Griekenland, de "Ελληνική Τράπεζα Βιομηχανικής Αναπτύξεως," (Elliniki Trapeza Viomichanikis Anaptyxeos), de "Ταμείο Παρακαταθηκών και Δανείων" (Tamio Parakatathikon kai Danion) en de "Ταχυδρομικό Ταμιευτήριο" (Tachidromiko Tamieftirio);
- in Spanje, het "Instituto de Crédito Oficial";
- in Frankrijk, de "Caisse des dépôts et consignations";
- in Ierland, de "credit unions" en de "friendly societies";
- in Italië, de "Cassa Depositi e Prestiti";
- in Nederland, de "Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden NV", de "NV Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij", de "NV Industriebank Limburgs Instituut voor Ontwikkeling en Financiering" en de "Overijsselse Ontwikkelingsmaatschappij NV";
- in Oostenrijk, ondernemingen die zijn erkend als bouwvereniging van algemeen nut en de "Österreichische Kontrollbank AG";
- in Portugal, de op 1 januari 1986 bestaande "Caixas Económicas" met uitzondering van die gedeelten die naamloze vennootschap zijn en de "Caixa Económica Montepio Geral";
- in Finland, "Teollisen yhteistyön rahasto Oy/Fonden för industriellt samarbete Ab" en "Kera Oy/Kera Ab";
- in Zweden, de "Svenska Skeppshypotekskassan";
- in het Verenigd Koninkrijk, de "National Savings Bank", de "Commonwealth Development Finance Company Ltd", de "Agricultural Mortgage Corporation Ltd", de "Scottish Agricultural Securities Corporation Ltd", de "Crown Agents for overseas governments and administrations", de "credit unions" en de "municipal banks".
4. Op voorstel van de Commissie, die hiertoe het in artikel 57 bedoelde comité, hierna "Raadgevend Comité voor het bankwezen" te noemen, raadpleegt, besluit de Raad over elke eventuele wijziging van de in lid 3 vermelde lijst.
5. De op 15 december 1997 in eenzelfde lidstaat bestaande kredietinstellingen die op dat tijdstip blijvend waren aangesloten bij een in diezelfde lidstaat gevestigd centraal orgaan dat op die kredietinstellingen toezicht uitoefent, kunnen van de vereisten in artikel 6, lid 1, en in de artikelen 8 en 59 worden vrijgesteld, mits uiterlijk op 15 december 1979 de nationale wetgeving erin heeft voorzien dat:
- de verplichtingen van het centrale orgaan en die van de aangesloten instellingen solidaire verplichtingen zijn, of dat de verplichtingen van de aangesloten instellingen volledig door het centrale orgaan worden gewaarborgd;
- op de solvabiliteit en de liquiditeit van het centrale orgaan en van alle aangesloten instellingen op basis van geconsolideerde rekeningen globaal toezicht wordt gehouden;
- de leiding van het centrale orgaan bevoegd is instructies te geven aan de leiding van de aangesloten instellingen.
Bij een centraal orgaan als bedoeld in de eerste alinea na 15 december 1977 aangesloten kredietinstellingen met een plaatselijk werkterrein kunnen onder de in de eerste alinea gestelde voorwaarden vallen als zij een normale uitbreiding vormen van het net dat onder dit centrale orgaan ressorteert.
Voorzover het gaat om andere kredietinstellingen dan die welke worden opgericht in nieuw ingepolderde gebieden, respectievelijk zijn voortgekomen uit fusie of afsplitsing van bestaande, onder het centrale orgaan ressorterende instellingen, kan de Raad, op voorstel van de Commissie, die hiertoe het Raadgevend Comité voor het bankwezen raadpleegt, aanvullende regels vaststellen voor de toepassing van het bepaalde in de tweede alinea, zulks met inbegrip van de opheffing van de in de eerste alinea bedoelde vrijstellingen, wanneer hij oordeelt dat aansluiting van nieuwe instellingen volgens de in de tweede alinea vermelde regeling de concurrentie negatief kan beïnvloeden. De Raad beslist met gekwalificeerde meerderheid van stemmen.
6. Kredietinstellingen als gedefinieerd in lid 5, eerste alinea, die in eenzelfde lidstaat zijn aangesloten bij een in die lidstaat gevestigd centraal orgaan kunnen eveneens van toepassing van artikel 5 en van de artikelen 40 tot en met 51 en 65 worden vrijgesteld, mits, onverminderd de toepassing van deze richtlijn op het centraal orgaan, het geheel dat door het centraal orgaan en de aangesloten instellingen wordt gevormd, op geconsolideerde basis aan genoemde voorschriften is onderworpen.
In geval van vrijstelling zijn op het geheel dat door het centraal orgaan en de aangesloten instellingen wordt gevormd, de artikelen 13, 18 en 19, artikel 20, leden 1 tot en met 6, en de artikelen 21 en 22 van toepassing.