Art. 17 Verordening (EG) nr. 2792/1999, Innoverende acties en technische bijstand

Verordening (EG) nr. 2792/1999

1. De lidstaten nemen in de in artikel 3, lid 3, bedoelde en in artikel 9, onder b), van Verordening (EG) nr. 1260/1999 omschreven plannen de nodige middelen op voor de uitvoering van studies, proef- en demonstratieprojecten, opleidingsmaatregelen, technische bijstand, uitwisseling van ervaringen en reclame in verband met de voorbereiding, de uitvoering, het toezicht op en de evaluatie of de aanpassing van de operationele programma's en de enkelvoudige programmeringsdocumenten.

2. Een proefproject is een project dat door een marktdeelnemer of door een wetenschappelijke of technische instelling of een andere bevoegde instantie wordt uitgevoerd en tot doel heeft in omstandigheden die de werkelijke omstandigheden in de productiesector zeer dicht benaderen, de technische betrouwbaarheid en/of de economische levensvatbaarheid van een innoverende technologie te testen, teneinde technische en/of economische kennis over de geteste technologie te verwerven en vervolgens te verspreiden. Een proefproject dient steeds wetenschappelijk toezicht te omvatten dat voldoende grondig is en voldoende lang duurt om significante resultaten te verkrijgen; over het project moeten wetenschappelijke rapporten worden opgesteld die aan de beheersinstantie worden meegedeeld. Deze laatste zendt deze rapporten onverwijld ter informatie door naar de Commissie.

Projecten betreffende de experimentele visserij komen als proefprojecten voor bijstand in aanmerking voorzover ze gericht zijn op de instandhouding van de visbestanden en het gebruik van meer selectieve vangstmethodes.

3. De in lid 1 bedoelde acties kunnen met name betrekking hebben op de in artikel 15, leden 2 en 3, bedoelde terreinen, voorzover ze worden uitgevoerd op initiatief van overheids- of semi-overheidsinstanties of andere daartoe door de beheersinstantie aangewezen instellingen.

Zij kunnen ook acties voor de bouw of de verbouwing van vaartuigen omvatten, voorzover deze vaartuigen uitsluitend bestemd zijn voor activiteiten in verband met het visserijonderzoek en de visserijopleiding, die door overheids- of semi-overheidsinstanties worden uitgevoerd onder de vlag van een lidstaat.

4. De in lid 1 bedoelde acties kunnen ook acties omvatten om de gelijkheid tussen mannelijke en vrouwelijke arbeidskrachten in de sector te bevorderen.