Art. 32 Verordening (EG) nr. 1260/1999, Betalingen

Verordening (EG) nr. 1260/1999

1. De bijdrage van de fondsen wordt door de Commissie overeenkomstig de aangegane betalingsverplichtingen aan de in artikel 9, onder o), omschreven betalingsautoriteit uitbetaald.

De betalingen worden afgeboekt op de vroegste openstaande betalingsverplichtingen die op grond van artikel 31 zijn aangegaan.

De uitbetaling kan geschieden in de vorm van voorschotten, van tussentijdse betalingen of van saldobetalingen. De tussentijdse of saldobetalingen hebben betrekking op daadwerkelijk verrichte uitgaven, welke moeten overeenkomen met door de eindbegunstigden gedane en met voldane facturen of boekingsbescheiden met gelijkwaardige bewijskracht gestaafde betalingen.

Onder voorbehoud van de beschikbare begrotingsmiddelen voert de Commissie de tussentijdse betalingen uit binnen een termijn van ten hoogste twee maanden, te rekenen vanaf de ontvangst van een ontvankelijke aanvraag als bedoeld in lid 3.

De betalingsautoriteit ziet erop toe, dat de eindbegunstigden de bedragen waarop zij uit hoofde van de bijdrage van de fondsen recht hebben, zo spoedig mogelijk en integraal ontvangen. Er mogen geen sommen, heffingen of bijzondere kosten worden ingehouden waardoor deze bedragen worden verlaagd.

2. Nadat de eerste betalingsverplichting is aangegaan, maakt de Commissie een voorschot aan de betalingsautoriteit over. Dit voorschot bedraagt tot 7 % van de bijdrage van de fondsen in het betrokken bijstandspakket en kan in beginsel over twee begrotingsjaren worden gespreid, afhankelijk van de beschikbaarheid van begrotingsmiddelen.

Gedurende de gehele looptijd van het bijstandspakket gebruikt de betalingsautoriteit het voorschot ter betaling van de communautaire bijdrage in de uitgaven met betrekking tot het bijstandspakket.

Naarmate het bijstandspakket wordt uitgevoerd, betaalt de betalingsautoriteit het voorschot geheel of gedeeltelijk terug aan de Commissie indien 18 maanden nadat de beschikking tot vaststelling van de bijdrage van de fondsen is gegeven, geen betalingsaanvragen bij de Commissie zijn ingediend. Eventuele renteopbrengst van het voorschot wordt door de betalingsautoriteit aan de middelen voor het bijstandspakket toegevoegd.

3. De Commissie doet tussentijdse betalingen om de daadwerkelijk in het kader van de actie van de fondsen verrichte en door de betalingsautoriteit gecertificeerde uitgaven te vergoeden. Zij worden uitgevoerd op het niveau van elk bijstandspakket en worden berekend op het niveau van de maatregelen van het financieringsplan van het programmacomplement. Zij moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

a) het programmacomplement waarin de in artikel 18, lid 3, genoemde elementen zijn opgenomen, is bij de Commissie ingediend;

b) het jongste in te dienen jaarverslag over de uitvoering in het voorgaande jaar, dat alle in artikel 37 genoemde elementen bevat, is aan de Commissie verstrekt;

c) de bij artikel 42 voorziene evaluatie halverwege de looptijd van het bijstandspakket is, indien nodig, aan de Commissie medegedeeld;

d) de besluiten van de beheersautoriteit en het toezichtcomité komen overeen met het totale bedrag van de bijdrage van de fondsen dat aan de betrokken prioritaire zwaartepunten is toegewezen;

e) er is binnen de gestelde termijn gevolg gegeven aan de in artikel 34, lid 2, bedoelde aanbevelingen, of de lidstaat heeft meegedeeld om welke reden geen enkele maatregel is genomen, wanneer deze aanbevelingen tot doel hebben ernstige onregelmatigheden in het follow-up- of beheerssysteem die het goede financiële beheer van het bijstandspakket in het gedrang brengen op te vullen; er is voldaan aan de in artikel 38, lid 4, bedoelde verzoeken om corrigerende maatregelen, indien de aanvraag betrekking heeft op de beoogde maatregel(en);

f) de betalingen voor de maatregel(en) waarop de aanvraag betrekking heeft, zijn niet geschorst op grond van artikel 39, lid 2, eerste alinea, en de Commissie heeft geen besluit genomen om een inbreukprocedure in te stellen op grond van artikel 226 van het Verdrag.

De lidstaat en de betalingsautoriteit worden er door de Commissie onmiddellijk van in kennis gesteld dat niet aan alle voorwaarden is voldaan en dat de betalingsaanvraag derhalve niet ontvankelijk is; zij treffen de nodige maatregelen.

De lidstaten zorgen ervoor dat de aanvragen voor tussentijdse betalingen, zoveel mogelijk gegroepeerd, drie keer per jaar, voor het laatst uiterlijk op 31 oktober, bij de Commissie worden ingediend.

In de aanvragen voor tussentijdse betalingen worden de naar prioritair zwaartepunt uitgesplitste uitgaven in de regio's of zones die overgangssteun ontvangen, van de overige uitgaven afgezonderd.

De som van de in lid 2 en in dit lid bedoelde betalingen voor een bijstandspakket bedraagt ten hoogste 95 % van de bijdrage van de fondsen aan dat bijstandspakket.

4. De betaling van het saldo van de bijstand vindt plaats mits:

a) de betalingsautoriteit binnen zes maanden na de uiterste datum voor de betaling die is vermeld in de beschikking waarbij de bijdrage van de fondsen wordt vastgesteld, een gecertificeerde verklaring betreffende de daadwerkelijk verrichte uitgaven bij de Commissie heeft ingediend,

b) het eindverslag over de uitvoering bij de Commissie is ingediend en door haar is goedgekeurd,

c) de lidstaat de in artikel 38, lid 1, onder f), bedoelde verklaring aan de Commissie heeft medegedeeld.

5. De definitieve saldobetaling is niet meer voor herziening op verzoek van de lidstaat vatbaar indien de betalingsautoriteit geen daartoe strekkend verzoek aan de Commissie heeft gericht binnen een termijn van negen maanden ingaande op de datum waarop dit saldo wordt overgemaakt.

6. De lidstaten wijzen de autoriteiten aan die bevoegd zijn om de in de leden 3 en 4 bedoelde certificeringen en verklaringen af te geven.

7. Tegen uiterlijk 30 april van elk jaar doen de lidstaten de Commissie een geactualiseerde raming toekomen van de betalingsaanvragen voor het lopende begrotingsjaar en voor het volgende begrotingsjaar.

8. Voor innovatieve acties als bedoeld in artikel 22 en maatregelen als bedoeld in artikel 23 stelt de Commissie adequate betalingsprocedures vast die stroken met de doelstellingen van deze bepalingen; zij stelt de in de artikelen 48 tot en met 51 bedoelde comités van deze procedures in kennis.

Uitspraken die dit artikel aanhalen