Art. 2

1. In de Gemeenschap gevestigde producenten van akkerbouwgewassen kunnen onder de in deze verordening aangegeven voorwaarden een areaalbetaling aanvragen.

2. De areaalbetaling wordt vastgesteld per hectare en wordt naar regio gedifferentieerd. De areaalbetaling wordt toegekend voor een met akkerbouwgewassen ingezaaide oppervlakte of een overeenkomstig artikel 6 braakgelegde oppervlakte die niet groter is dan een regionaal basisareaal. Dit areaal wordt vastgesteld op het gemiddeld aantal hectaren in die regio dat met akkerbouwgewassen is ingezaaid of, in voorkomend geval, gedurende 1989, 1990 en 1991 was braakgelegd overeenkomstig een door de overheid gesubsidieerde regeling. Onder regio in deze zin dient te worden verstaan een lidstaat of een gebied in een lidstaat, naar keuze van de betrokken lidstaat.

3. Producenten die de areaalbetaling aanvragen, verbinden zich ertoe een deel van hun areaal uit productie te nemen en ontvangen een compensatie voor deze verplichting.

4. Wanneer het totaal van de arealen waarvoor op grond van de regeling ten behoeve van akkerbouwgewassen betaling wordt gevraagd, inclusief de in het kader daarvan uit productie genomen grond, groter is dan het basisareaal, wordt het in aanmerking komende areaal per producent verhoudingsgewijs verlaagd voor alle op grond van dit hoofdstuk in de betrokken regio gedurende hetzelfde verkoopseizoen toegekende betalingen.

Arealen waarvoor geen aanvraag om areaalbetaling krachtens deze verordening wordt ingediend, maar die worden gebruikt ter staving van een steunaanvraag krachtens Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees(8) worden ook in aanmerking genomen voor de berekening van het areaal waarvoor de areaalbetaling wordt gevraagd.

5. Indien een lidstaat kuilgras in aanmerking doet komen voor de areaalbetalingen voor akkerbouwgewassen, wordt een afzonderlijk basisareaal vastgesteld. Indien het basisareaal voor akkerbouwgewassen of kuilgras in een bepaald verkoopseizoen niet wordt gehaald, wordt het resterende aantal hectaren voor hetzelfde verkoopseizoen toegewezen aan het overeenkomstige basisareaal.

6. Indien een lidstaat heeft besloten één of meer nationale basisarealen vast te stellen, mag hij ieder nationaal basisareaal onderverdelen in subbasisarealen overeenkomstig door de lidstaat vast te stellen objectieve criteria.

Voor de toepassing van dit lid worden de basisarealen Secano en Regadío beschouwd als nationale basisarealen.

In geval van overschrijding van een nationaal basisareaal kan de lidstaat de krachtens lid 4 toe te passen maatregelen volgens objectieve criteria volledig of gedeeltelijk concentreren op de subbasisarealen waarvoor een overschrijding is geconstateerd.

Lidstaten die hebben besloten gebruik te maken van de in dit lid bedoelde mogelijkheden, moeten de producenten en de Commissie uiterlijk op 15 september in kennis stellen van de door hen gemaakte keuzes en van de desbetreffende uitvoeringsmaatregelen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen