Art. 9 Richtlijn 97/9/EG

Richtlijn 97/9/EG

1. Het compensatiestelsel neemt de passende maatregelen om de beleggers in kennis te stellen van de in artikel 2, lid 2, bedoelde vaststelling of beslissing en, indien uitgekeerd dient te worden, om hun zo spoedig mogelijk uit te keren. Het kan een termijn vaststellen voor de indiening van de verzoeken van de beleggers. Deze termijn mag niet korter zijn dan vijf maanden na de datum van de hiervoor bedoelde vaststelling of beslissing of de datum waarop deze vaststelling of beslissing bekend wordt gemaakt.

Het stelsel mag zich niet op het verstrijken van de genoemde termijn beroepen om het recht op dekking te ontzeggen aan een belegger die zijn aanspraak op een uitkering niet tijdig heeft kunnen doen gelden.

2. Het stelsel moet in staat zijn de aanspraken van beleggers op uitkeringen zo spoedig mogelijk en uiterlijk drie maanden nadat de geldigheid en het bedrag van de vordering zijn vastgesteld, te honoreren.

In zeer uitzonderlijke omstandigheden kan het beleggerscompensatiestelsel de bevoegde autoriteiten verzoeken deze termijn voor speciale gevallen te verlengen. Deze verlenging geldt voor maximaal drie maanden.

3. Wanneer aan een belegger of aan eender welke persoon die aan een beleggingsverrichting verbonden rechten of belangen heeft, een misdrijf ten laste is gelegd dat voortvloeit uit of verband houdt met het witwassen van geld als omschreven in artikel 1 van Richtlijn 91/308/EEC, mag het compensatiestelsel, niettegenstaande de in lid 2 gestelde termijn, uitkeringen opschorten in afwachting van de uitspraak van de rechter.

Uitspraken die dit artikel aanhalen