Art. 30 Richtlijn 96/23/EG
1. Wanneer uit de in de Richtlijnen 90/675/EEG en 91/496/EEG voorgeschreven controles blijkt dat voor de behandeling van dieren in een bepaalde partij in de zin van artikel 2, lid 2, onder e), van Richtlijn 91/496/EEG niet-toegestane produkten of stoffen zijn gebruikt of wanneer dergelijke produkten of stoffen in een van een zelfde inrichting afkomstige partij of een deel daarvan worden aangetroffen, neemt de bevoegde autoriteit ten aanzien van de betrokken dieren en produkten de volgende maatregelen:
- zij deelt de Commissie mee welke produkten zijn gebruikt en om welke partij het gaat; de Commissie stelt alle grensposten daarvan onverwijld in kennis;
- de Lid-Staten versterken de controles op alle partijen dieren of produkten van dezelfde oorsprong. Met name de tien volgende partijen van dezelfde oorsprong moeten - onder betaling van een voorschot voor de controlekosten - worden vastgehouden in de controlepost aan de grens om er, middels een representatieve monsterneming van de betrokken partij, of het deel van een partij als bedoeld in de eerste alinea, op residuen te worden onderzocht.
Wanneer uit deze nieuwe controles de aanwezigheid van niet-toegestane produkten of stoffen of van residuen van deze produkten of stoffen blijkt:
i) moet de partij of het deel van een partij als bedoeld in de eerste alinea op kosten van de expediteur of diens gemachtigde worden teruggestuurd naar het land van oorsprong, waarbij op het certificaat duidelijk wordt vermeld waarom de partij is afgewezen,
ii) moet, afhankelijk van de aard van de geconstateerde overtreding en van het daarmee samenhangende risico, de expediteur kunnen kiezen tussen terugzending van de partij of het deel van een partij, als bedoeld in de eerste alinea, vernietiging of gebruik ervan voor andere, door de communautaire wetgeving toegestane doeleinden, en dit zonder enige vergoeding of compensatie;
- de Commissie wordt in kennis gesteld van het resultaat van de verscherpte controles en verricht in het licht van die informatie alle nodige onderzoeken om de oorzaken en oorsprong van de geconstateerde overtredingen na te gaan.
2. Wanneer uit de door Richtlijn 90/675/EEG voorgeschreven controles blijkt dat de maxima voor residuen overschreden zijn, wordt overgegaan tot de in lid 1, tweede streepje, bedoelde controles.
3. Indien de Commissie in derde landen die met de Gemeenschap gelijkwaardigheidsovereenkomsten hebben gesloten, na een onderzoek bij de bevoegde autoriteiten van het betrokken derde land, tot de conclusie komt dat die autoriteiten de verplichtingen en garanties als vervat in de in artikel 29, lid 1, bedoelde plannen niet zijn nagekomen, schort zij volgens de procedure van artikel 32 de genoemde overeenkomsten voor de in het geding zijnde dieren en produkten op, totdat het betrokken derde land het bewijs heeft geleverd dat er een eind is gemaakt aan de nalatigheden. De opschorting wordt volgens dezelfde procedure gemeld.
Zo nodig wordt, met het oog op de hernieuwde toepassing van de overeenkomsten, door een communautaire missie, waarbij deskundigen van de Lid-Staten zijn betrokken, op kosten van het betrokken derde land ter plaatse nagegaan welke maatregelen in dit verband zijn genomen.