Art. 8

Om de herstructurering van de melkproduktie op nationaal of regionaal niveau dan wel per ophaalgebied tot een goed einde te brengen of de milieusituatie te verbeteren, kunnen de Lid-Staten op de wijze die zij bepalen en met inachtneming van de legitieme belangen van de partijen, een of meer van de volgende maatregelen nemen:

- aan producenten die zich ertoe verbinden de melkproduktie geheel of gedeeltelijk definitief te staken, een vergoeding toekennen die in een of meer jaarlijkse tranches wordt betaald, en de aldus vrijgekomen referentiehoeveelheden aan de nationale reserve toevoegen;

- aan de hand van objectieve criteria bepalen op welke voorwaarden producenten aan het begin van een tijdvak van twaalf maanden van de bevoegde autoriteit of van de door haar aangewezen instantie tegen voorafgaande betaling de herverdeling van referentiehoeveelheden kunnen verkrijgen die aan het einde van het voorgaande tijdvak van twaalf maanden definitief door andere producenten zijn vrijgemaakt tegen betaling in een of meer jaarlijkse tranches van een vergoeding die gelijk is aan de bovengenoemde betaling;

- bij overdracht van gronden met het oog op verbetering van het milieu, aan de vertrekkende producent de op het betrokken bedrijf beschikbare referentiehoeveelheid ter beschikking stellen, indien hij voornemens is de melkproduktie voort te zetten;

- aan de hand van objectieve criteria bepalen in welke regio's en ophaalgebieden met het oog op de verbetering van de melkproduktiestructuur tussen producenten van bepaalde categorieën referentiehoeveelheden mogen worden overgedragen zonder overeenkomstige overdracht van gronden;

- op verzoek van de producent aan de bevoegde autoriteit of de door haar aangewezen instantie de overdracht van referentiehoeveelheden zonder overeenkomstige overdracht van gronden of andersom toestaan, ten einde de structuur van de melkproduktie op het niveau van het bedrijf te verbeteren of bij te dragen tot de extensivering van de produktie.

Tot 30 juni 1994 komen producenten die over een referentiehoeveelheid als bedoeld in artikel 4, lid 3, beschikken evenwel niet in aanmerking voor de toepassing van dit artikel, met uitzondering van het derde streepje.