Art. 5 Verordening (EEG) nr. 2081/92

Verordening (EEG) nr. 2081/92

1. Alleen groeperingen of, onder bepaalde volgens de procedure van artikel 15 vast te stellen voorwaarden, natuurlijke of rechtspersonen zijn gerechtigd een registratieaanvraag in te dienen.Onder "groepering" wordt in dit artikel verstaan elke organisatie, ongeacht haar rechtsvorm of samenstelling, van bij hetzelde landbouwprodukt of hetzelfde levensmiddel betrokken producenten en/of verwerkers. Andere betrokken partijen mogen van de groepering deel uitmaken.

2. Een groepering, of een natuurlijke of rechtspersoon, kan slechts een registratieaanvraag indienen voor landbouwprodukten of levensmiddelen die door haar/hem worden geproduceerd of verkregen in de zin van artikel 2, lid 2, onder a) of onder b).

3. De registratieaanvraag omvat met name het in artikel 4 bedoelde produktdossier.

4. De registratieaanvraag wordt ingediend bij de Lid-Staat waarin het geografische gebied gelegen is.

5. De Lid-Staat gaat na of de aanvraag gerechtvaardigd is en zendt de aanvraag, alsmede het in artikel 4 bedoelde produktdossier en de andere documenten waarop zijn besluit gebaseerd is, naar de Commissie indien hij van mening is dat aan de eisen van deze verordening is voldaan.

Indien de aanvraag betrekking heeft op een benaming die ook een in een andere Lid-Staat gelegen gebied aanduidt, wordt de betrokken Lid-Staat geraadpleegd alvorens er een besluit genomen wordt.

6. De Lid-Staten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om aan de bepalingen van dit artikel te voldoen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen