Art. 13 Verordening (EEG) nr. 2081/92
1. Geregistreerde benamingen zijn beschermd tegen:
a) elk rechtstreeks of onrechtstreeks gebruik door de handel van een geregistreerde benaming voor produkten die niet onder de registratie vallen, voor zover deze produkten vergelijkbaar zijn met de onder deze benaming geregistreerde produkten of voor zover het gebruik van de benaming betekent dat wordt geprofiteerd van de reputatie van deze beschermde benaming;
b) elk misbruik, elke nabootsing of voorstelling, zelfs indien de werkelijke oorsprong van het produkt is aangegeven of indien de beschermde benaming is vertaald, of vergezeld gaat van uitdrukkingen zoals "soort", "type", "methode", "op de wijze van", "imitatie", en dergelijke;
c) elke andere valse of misleidende aanduiding met betrekking tot de herkomst, de oorsprong, de aard of de wezenlijke hoedanigheden van het produkt op de binnen- of buitenverpakking, in reclamemateriaal of documenten betreffende het betrokken produkt, alsmede het gebruik van een recipiënt die tot misverstanden over de oorsprong van het produkt aanleiding kan geven;
d) elke andere praktijk die het publiek ten aanzien van de werkelijke oorsprong van het produkt kan misleiden.
Indien een geregistreerde benaming de naam omvat van een landbouwprodukt of levensmiddel die als soortnaam wordt beschouwd, wordt het gebruik van die soortnaam op dat landbouwprodukt of levensmiddel niet beschouwd als strijdig met het bepaalde onder a) of b).
2. De Lid-Staten mogen evenwel de nationale maatregelen handhaven waarmee het gebruik van de in lid 1, onder b), genoemde uitdrukkingen gedurende een tot maximaal vijf jaar beperkte periode na de datum van bekendmaking van deze verordening wordt toegestaan, op voorwaarde dat:
- de produkten wettelijk onder vermelding van deze uitdrukking in de handel zijn gebracht gedurende ten minste vijf jaar vóór de datum van bekendmaking van deze verordening;
- uit de etikettering van de produkten duidelijk de werkelijke oorsprong ervan blijkt.
Deze uitzondering mag er evenwel niet toe leiden dat de produkten vrijelijk in de handel worden gebracht op het grondgebied van een Lid-Staat waarvoor deze uitdrukkingen verboden waren.
3. Beschermde benamingen mogen geen soortnamen worden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HvJ EU 8 september 2009, C-478/07, ECLI:EU:C:2009:521
- HvJ EU 26 februari 2008, C-132/05, ECLI:EU:C:2008:117
- HvJ EU 4 maart 1999, C-87/97, ECLI:EU:C:1999:115
- HvJ EU 2 juli 2009, C-343/07, ECLI:EU:C:2009:415
- HvJ EU 19 april 2007, C-381/05, ECLI:EU:C:2007:230
- HvJ EU 22 december 2010, C-120/08, ECLI:EU:C:2010:798
- HvJ EU 4 februari 2021, C-640/19, ECLI:EU:C:2021:97
- HvJ EU 25 juni 2002, C-66/00, ECLI:EU:C:2002:397
- Gerecht EU 2 februari 2017, T-510/15, ECLI:EU:T:2017:54
- Gerecht EU 12 juni 2007, T-57/04, ECLI:EU:T:2007:168
- HvJ EU 16 maart 1999, C-289/96, ECLI:EU:C:1999:141