Art. 12 Verordening (EEG) nr. 1765/92

Verordening (EEG) nr. 1765/92

Volgens de procedure van respectievelijk artikel 38 van Verordening nr. 136/66/EEG, van artikel 2 van Verordening (EEG) nr. 1117/78 (2) en artikel 23 van Verordening (EEG) nr. 1766/92 worden nadere bepalingen voor de toepassing van deze titel vastgesteld, en met name:

- de bepalingen inzake de vaststelling en het beheer van basisarealen alsmede betreffende de toepassing van artikel 2, lid 4;

- de bepalingen betreffende het opstellen van de regioplannen voor de produktie, waaronder de bepaling van de minimumgrootte van een regio;

- de bepalingen betreffende de vaststelling van het compensatiebedrag en betreffende de betaling ervan;

- de bepalingen betreffende de te bebouwen minimumoppervlakte; bij de vaststelling van deze bepalingen wordt terdege rekening gehouden met de controlevereisten en de nagestreefde doeltreffendheid van de betrokken regeling;

- de bepalingen inzake de vaststelling van de eisen om voor de durum-tarwetoeslag in aanmerking te komen;

- de bepalingen betreffende de controle; onverminderd het bepaalde in specifieke voorschriften inzake een geïntegreerd beheers- en controlesysteem hebben deze bepalingen onder meer betrekking op teledetectie en/of waarschijnlijkheidscontroles aan de hand van officiële documenten die reeds in het bezit zijn van de nationale overheidsinstanties;

- bepalingen op grond waarvan de in artikel 10, lid 2, en artikel 11, lid 3, bedoelde data kunnen worden gevarieerd in bepaalde regio's waarin uitzonderlijke klimaatsomstandigheden de normale data niet toepasselijk maken;

- de bepalingen inzake de eisen met betrekking tot het uit bijzondere en gewone produktie nemen van grond; met name moet het begrip "wisselbouw" nader worden omschreven en moet worden bepaald hoelang de grond elk jaar uit produktie moet worden genomen, welke maatregelen moeten worden getroffen met het oog op milieubehoud en in welke regio's in plaats van deze maatregelen op grond van klimaatsomstandigheden andere adequate maatregelen kunnen worden genomen;

- de bepalingen betreffende de toepassing van artikel 7, lid 4, en van artikel 9;

- de bepalingen inzake de specifieke administratieve procedures om de controles in het kader van de vereenvoudigde regeling te vergemakkelijken;

- de bepalingen inzake de consequenties van eigendoms- en pachtoverdrachten voor de toepassing van de regeling.

Volgens diezelfde procedure kan de Commissie minder belangrijke teelten aan de in bijlage I opgenomen lijst toevoegen en kan zij de consequenties daarvan bepalen, met name wat betreft basisareaal en braakleggingsverplichting.

Uitspraken die dit artikel aanhalen