Art. 26 Verordening (EEG) nr. 2328/91

Verordening (EEG) nr. 2328/91

1. De Lid-Staten kunnen aan landbouwers die landbouwgrond bebossen en niet de in artikel 6 van Verordening (EEG) nr. 1096/88 bedoelde premie ontvangen, een jaarlijkse premie per beboste hectare toekennen.

2. Het maximaal voor financiering in aanmerking komende bedrag van de in lid 1 bedoelde jaarlijkse premie is 150,4 ecu per beboste hectare.

Dit bedrag wordt verlaagd tot 50,2 ecu per hectare als voor dezelfde oppervlakte steun op grond van titel I wordt toegekend, zulks gedurende de periode waarin deze steun wordt verleend.

De premie komt gedurende ten hoogste 20 jaar, te rekenen vanaf de oorspronkelijke bebossing, in aanmerking voor financiering.

3. De Lid-Staten stellen het bedrag en de looptijd van de jaarlijkse premie vast op basis van de inkomstenderving en de voor de bebossing gebruikte boomsoorten of typen van bomen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen