Art. 2 Verordening (EEG) nr. 2377/90

Verordening (EEG) nr. 2377/90

De farmacologisch werkzame substanties die in geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik worden gebruikt en waarvoor maximumwaarden voor residuen zijn vastgesteld, worden in een lijst in bijlage I bij deze verordening opgenomen; deze bijlage wordt goedgekeurd volgens de procedure van artikel 8. Voor zover niet anders wordt bepaald in artikel 9, worden eventuele wijzigingen van bijlage I eveneens volgens die procedure goedgekeurd.

Vorige artikelen

Volgende artikelen