Art. 6 Richtlijn 90/684/EEG, Investeringssteun
1. Al dan niet specifieke investeringssteun mag niet worden verleend voor de oprichting van nieuwe scheepswerven of voor investeringen in bestaande scheepswerven, tenzij deze steun gekoppeld is aan een herstructureringsplan dat geen enkele uitbreiding van de scheepsbouwcapaciteit van deze scheepswerf behelst, dan wel in het geval van uitbreiding rechtstreeks gekoppeld is aan een overeenkomstige, onomkeerbare inkrimping van de capaciteit van andere scheepswerven van dezelfde Lid-Staat gedurende dezelfde periode.
Dergelijke steun mag niet worden verleend aan werven voor scheepsreparatie, tenzij in samenhang met een herstructureringsplan dat uitmondt in een verlaging van de totale capaciteit van de scheepsreparatie van de betrokken Lid-Staat. In dit verband kan de Commissie rekening houden met de capaciteitsverminderingen in de onmiddellijk voorafgaande jaren.
2. Lid 1 is niet van toepassing op de opening van een nieuwe werf in een Lid-Staat die anders geen enkele scheepsbouwinstallatie zou hebben, noch op investeringen in de enige werf die in een Lid-Staat bestaat, op voorwaarde dat het effect van deze werf op de markt van de Gemeenschap minimaal is.
3. Overeenkomstig lid 1 kan investeringssteun als verenigbaar met de gemeenschappelijke markt worden beschouwd, mits: - bedrag en percentage van de steun door de omvang van de voorgenomen herstructurering gerechtvaardigd zijn,
- de steun beperkt blijft tot tegemoetkoming in de uitgaven die rechtstreeks met de investeringen in verband staan.
4. Bij haar onderzoek van de in de leden 1 en 3 bedoelde steunmaatregelen houdt de Commissie rekening met de mate waarin het betrokken investeringsprogramma tot de doelstellingen van de Gemeenschap voor de sector, zoals innovatie, specialisatie, arbeidsvoorwaarden, gezondheid, veiligheid en milieu, bijdraagt.