Art. 14 Verordening (EEG) nr. 4064/89, Geldboetes
1. De Commissie kan bij beschikking aan de in artikel 3, lid 1, onder b ), bedoelde personen, aan ondernemingen of
ondernemersverenigingen geldboetes opleggen van ten minste 1 000 en ten hoogste 50 000 ecu, wanneer zij opzettelijk of uit onachtzaamheid :
a) nalaten een concentratie overeenkomstig artikel 4 aan te melden,
b) bij een aanmelding als bedoeld in artikel 4, onjuiste of verdraaide gegevens verstrekken,
c) een op grond van artikel 11 verlangde inlichting onjuist of niet binnen de termijn die bij een krachtens artikel 11 gegeven beschikking is gesteld, verstrekken,
d) bij een krachtens artikel 12 of artikel 13 verrichte verificatie geen volledige inzage geven van de ter inzage gevraagde boeken of andere bescheiden van het bedrijf, of zich niet onderwerpen aan verificaties, welke bij een krachtens artikel 13 gegeven beschikking zijn gelast .
2. De Commissie kan aan personen of ondernemingen bij beschikking geldboeten van ten hoogste 10 % van de totale omzet van de betrokken ondernemingen in de zin van artikel 5 opleggen, indien zij opzettelijk of uit onachtzaamheid :
a) handelen in strijd met een verplichting opgelegd bij beschikking krachtens artikel 7, lid 4, of artikel 8, lid 2, tweede alinea,
b) een concentratie tot stand brengen die in strijd is met artikel 7, lid 1, of met een beschikking krachtens artikel 7, lid 2,
c) een concentratie tot stand brengen die bij beschikking krachtens artikel 8, lid 3, onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard, of niet de bij beschikking krachtens artikel 8, lid 4, voorgeschreven maatregelen treffen .
3. Bij de vaststelling van het bedrag van de geldboete dient met de aard en de zwaarte van de inbreuk rekening te worden gehouden .
4. De krachtens de leden 1 en 2 gegeven beschikkingen hebben geen strafrechtelijk karakter .