Art. 11 Verordening (EEG) nr. 2677/85

Verordening (EEG) nr. 2677/85

1. Het steunbedrag wordt voorgeschoten zodra de belanghebbende tegelijk met de steunaanvraag een verklaring overlegt waaruit blijkt dat een met het steunbedrag overeenkomende waarborg is gesteld.

2. De waarborg wordt gesteld in de vorm van een garantie van een instelling die voldoet aan de criteria welke zijn vastgesteld door de Lid-Staat waar de steunaanvraag wordt ingediend.

3. De waarborg wordt vrijgegeven zodra de bevoegde instantie van de Lid-Staat voor de in de aanvraag opgegeven hoeveelheden het recht op steun heeft erkend.

Indien het recht op steun niet wordt erkend voor de in de aanvraag opgegeven hoeveelheden of voor een deel daarvan, wordt de waarborg verbeurd naar evenredigheid van de hoeveelheden waarvoor de voorwaarden die recht geven op de steun, niet zijn nagekomen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen