Art. 27 Verordening (EEG) nr. 1999/85

Verordening (EEG) nr. 1999/85

1. De vergunninghouder kan verzoeken om terugbetaling of kwijtschelding van de rechten bij invoer voor zover hij naar genoegen van de douaneautoriteit aantoont dat veredelingsprodukten die verkregen zijn uit onder het terugbetalingssysteem in het vrije verkeer gebrachte invoergoederen:

- hetzij onder douanetoezicht uit het douanegebied van de Gemeenschap zijn geëxporteerd,

- hetzij, met het oog op latere uitvoer ervan, in een vrije zone zijn geplaatst, onder de regeling douane-entrepot, de regeling tijdelijke invoer, de regeling actieve veredeling - schorsingssysteem -, onder de regeling communautair douanevervoer (externe procedure) of onder een van de regelingen voor internationaal vervoer, bedoeld in artikel 7, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 222/77, voor zover de toepassing van deze laatste regelingen in de communautaire wetgeving is toegestaan,

mits voorts aan alle toepassingsvoorwaarden van de regeling is voldaan.

Gelijkgesteld aan uitvoer wordt de levering van veredelingsprodukten:

a) aan personen die in aanmerking komen voor vrijstellingen hetzij krachtens het Verdrag van Wenen van 18 april 1961 inzake diplomatiek verkeer, hetzij krachtens het Verdrag van Wenen van 24 april 1963 inzake consulaire betrekkingen of andere consulaire overeenkomsten, hetzij krachtens het Verdrag van New York van 16 december 1969 inzake speciale missies;

b) overeenkomstig artikel 136 van Verordening (EEG) nr. 918/83, aan strijdkrachten die op het grondgebied van een Lid-Staat zijn gestationeerd.

2. De termijn waarbinnen het verzoek om terugbetaling moet worden ingediend, wordt bepaald volgens de procedure van artikel 31, leden 2 en 3.

3. Wanneer de omstandigheden zulks rechtvaardigen, kan de douaneautoriteit toestaan dat veredelingsprodukten die overeenkomstig het bepaalde in lid 1 in vrije zone of onder een douaneregeling zijn geplaatst, in het vrije verkeer worden gebracht. In dit geval, en onverminderd het bepaalde in artikel 21, lid 1, onderdeel b), wordt het terugbetaalde of kwijtgescholden bedrag van de rechten bij invoer geacht het bedrag van de douaneschuld te vormen.

4. Voor de vaststelling van het bedrag aan terug te betalen of kwijt te schelden rechten bij invoer is artikel 21, lid 1, onderdeel a), eerste streepje, mutatis mutandis van toepassing.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen